Het heeft er veel van weg dat er ergens dit vroege voorjaar wereldwijd een draai heeft plaatsgevonden op de financiële markten.

Door Martine Hafkamp

Tot dat moment was het een no-brainer: dollar omhoog, olie naar beneden, euro naar beneden, Europese aandelenmarkten omhoog, Amerikaanse aandelenmarkten stagneren en opkomende markten dalen.

Er heerste over bovengenoemde richtingen bijna algehele consensus. Maar zoals altijd als vrijwel iedereen het met elkaar eens is, liggen er onverwachte gebeurtenissen op de loer.

In januari bodemde de olieprijs. Deze begon vanaf een niveau van 45 dollar voor een vat Brent weer in prijs op te lopen. Met de stijging van de olieprijs begonnen met enige vertraging ook andere grondstoffen, waaronder koper, aan een opmars.

Berichten over aantrekkende Europese kredietverlening vielen bijna samen met berichten over tegenvallende groei in de Verenigde Staten als gevolg van de winterdip in het eerste kwartaal. Ook de rally van de dollar begon te sputteren en de euro trok weer wat aan.

Anders

En opeens zag de wereld er weer anders uit: euro wordt duurder, olieprijs loopt op, grondstoffenprijzen stijgen, opkomende markten omhoog en in Europa ineens oplopende rentes en, last but not least, Europese aandelenmarkten die dalen.

Naast de stijging van de grondstoffen, die als beleggingscategorie volledig uit de gratie is/was, valt ook het herstel op de opkomende markten op. Ook deze hebben enige tijd in de hoek gezeten waar de klappen vallen.

Natuurlijk, de Chinese aandelenmarkt deed het al sinds de jaarwisseling goed, maar opeens staan ook de beurzen van bijvoorbeeld Mexico, Brazilië en zelfs Rusland er weer wat beter bij. De iShares MSCI Emerging Markets (EEM) steeg in twee maanden tijd met 15 procent, juist in een periode dat de Europese beurzen na een enorme rally meer zijwaarts bewogen.

Grondstoffenprijzen

Als belangrijkste reden worden de stijgende grondstoffenprijzen aangevoerd. Oplopende prijzen zijn gunstig voor de meeste opkomende landen.

Tel daarbij niet alleen de dalende dollar op, maar vooral het mogelijk uitstel van de renteverhoging door de Fed en de ingrediënten voor een herstel zijn compleet. Want veel bedrijven uit de opkomende markten hebben zich in dollars gefinancierd en zouden met een Amerikaanse rentestijging en een sterker wordende dollar in de tang zijn komen te zitten.

Enerzijds nemen de rentekosten toe op de dollarleningen. Anderzijds moet er meer afgelost worden als gevolg van de dollarstijging gemeten in lokale valuta. De (voorlopige) draai in de valuta en de olie/grondstoffen lijkt dus een zegen voor de opkomende markten.

Zo bezien leven we nog steeds in een valuta gedreven wereldeconomie. Bij grote valutafluctuaties zijn er iedere keer winnaars en verliezers. Er is nooit sprake van een herstel over de hele linie. De huidige opleving van de euro en de olieprijs werkt weer in het nadeel van Europa en in het voordeel van bijvoorbeeld opkomende markten.

Valutaoorlog

Feitelijk is er nog steeds sprake van een wereldwijde valutaoorlog waarbij de winst van de een steeds ten koste gaat van het verlies van de ander en ook nog eens met steeds wisselende winnaars. De afgelopen periode was Europa de grote winnaar. Maar als de huidige draai zich voortzet, wie zal dan de gelukkige blijken te zijn?

Beleggers krijgen steeds meer moeite dit spel op een winstgevende manier te spelen. Daarom doen zij er verstandig aan wereldwijd te beleggen. Spreid over sectoren, over landen, over valuta en het resultaat zal zijn dat je binnen de portefeuille wel steeds verschuivingen ziet maar dat de portefeuille als geheel redelijk bestendig is tegen dit robuuste klimaat.

Martine Hafkamp is algemeen directeur van Fintessa Vermogensbeheer. Zij won in 2012 de Gouden Stier voor de Beleggingsexpert van het jaar. Volg Martine ook op Twitter.com/Martinehafkamp