De kogel is door de kerk. De Europese Centrale Bank breidt haar opkoopprogramma uit tot 1.140 miljard euro.

Door Martine Hafkamp

De ECB gaat per maand een bedrag van 60 miljard euro opkopen aan staatsobligaties en obligaties van Europese supranationale instituten. Het programma gaat vanaf maart lopen en het duurt minimaal tot september 2016.

Nu hebben we de komende anderhalf jaar weer iets nieuws om ons druk over te maken, namelijk het speculeren over het moment waarop het opkoopprogramma stopt. Zodra de inflatie op het gewenste peil is kan men er mee ophouden.

De ECB koopt niet meer dan 25 procent van een bepaalde uitgifte en niet meer dan 33 procent van een bepaalde uitgever (debiteur). De looptijden van de op te kopen obligaties zullen variëren tussen 2 tot 30 jaar. Ook obligaties met negatieve effectieve rendementen worden gekocht.

Risicodeling

Belangrijk is het element van risicodeling. De Nationale Centrale Banken doen de aankopen naar rato van hun aandeel in de ECB. De risico’s worden beperkt gedeeld.

Bij een eventuele wanbetaling komen de risico’s voor rekening van de eigen nationale centrale banken. Dit is een zwaktebod van de ECB, maar nodig omdat vooral de Bundesbank en de Nederlandse Bank hierop hadden aangedrongen.

Alleen op het aandeel van de ECB zelf wordt de kapitaal verdeelsleutel toegepast. Dus risicodeling over slechts 8 procent. Over het delen van de verliezen was binnen de ECB consensus, over het starten van het opkoopprogramma niet.

Overigens worden de verliezen op de supranationale obligaties, zoals die bijvoorbeeld van de Europese Investeringsbank, wel naar rato gedeeld.

Ook zullen, onder aanvullende eisen, obligaties gekocht worden van landen die vallen onder een steunprogramma van de EU en het IMF. Het gaat hier om de usual suspects Ierland en Portugal en wellicht ook Griekenland. De rente op de TLTRO-leningen wordt verlaagd naar 0,05 procent.

Effectief of niet

De meningen over het al dan niet effectief zijn van het opkoopprogramma zijn sterk verdeeld. Zoals bleek zijn grofweg de Noord-Europese landen onder aanvoering van Nederland en Duitsland tegen en de Zuid-Europese landen voor.

De rentes in Europa zijn al extreem laag. Zou een nog lagere rente dan wel effect hebben? In Nederland beweegt de tienjaarsrente al rond 0,5 procent. Als dat niet helpt, gaat een nog lagere rente dan wel helpen? Om over de rente in landen als Italië, Frankrijk en Spanje maar te zwijgen. Ondertussen moeten spaarders en gepensioneerden fors voor de rekening opdraaien. Hoe lang zal dat geaccepteerd worden?

Bovendien zit de Europese economie anders in elkaar dan die van de Verenigde Staten, het grote voorbeeld wat betreft kwantitatieve verruiming en het succes ervan. In de Verenigde Staten loopt ongeveer 80 procent van alle kredietverlening aan het bedrijfsleven via de kapitaalmarkt en de resterende 20 procent via het bankwezen.

In Europa is dat precies andersom. De al lopende TLTRO-operatie van de ECB zou zodoende dus veel meer effect moeten hebben, aangezien die gericht is op een groter volume aan leningen van de banken aan het bedrijfsleven.

Noodzakelijke stap

Maar het opkopen van staatsobligaties, wie help je daar nu precies mee? Overigens heeft Trichet, de voorganger van Draghi, het pad van het opkopen van staatsobligaties in 2010 al eens bewandeld. Het vertrouwen in de euro en een aantal Europese landen was toen zo laag, dat dat indertijd een noodzakelijke stap was.

De beurzen waren in aanloop naar de bekendmaking al met 0,5 procent opgelopen en stegen na de lang verwachte en vooraf zorgvuldig gelekte aankondiging door Mario Draghi verder door. In de Verenigde Staten noteerden de indices na een aarzelend begin eveneens hoger. De waarde van de dollar nam verder toe.

De komende dagen zullen de financiële markten nog wel even bezig blijven met het verder verteren van de aangekondigde maatregelen. Vooralsnog solliciteert Draghi nadrukkelijk naar een ster op de Walk of Fame.

Martine Hafkamp is algemeen directeur van Fintessa Vermogensbeheer. Zij won in 2012 de Gouden Stier voor de Beleggingsexpert van het jaar. Volg Martine ook op Twitter.com/Martinehafkamp