Eindhoven laat zien dat de overheid innovatie kan faciliteren zonder samenwerkingsverbanden op te dringen. Dat zouden meer steden moeten doen.

Door Sander Wolfensberger

Eindhoven stond jarenlang bekend als de stad met het stoffigste imago van het land. Toen Philips in 1997 aankondigde zijn hoofdkantoor naar Amsterdam te verplaatsen, leek dat de genadeklap voor de oude industriestad.

Wie had destijds durven dromen dat de New York Times Eindhoven tien jaar later zou tippen als hippe designstad? Wie had toen gedacht dat het Intelligent Community Forum (ICF) de lichtstad in 2011 zou uitroepen tot de slimste regio ter wereld?

En wie zou hebben geloofd dat de analisten van de Financial Times in 2014 zouden schrijven dat Eindhoven na Londen en Helsinki het beste investeringsklimaat van Europa heeft? Niemand. En toch gebeurde dat.

Samenwerken, visie & focus

De wederopstanding van Eindhoven is het resultaat van goede samenwerking, een heldere toekomstvisie en focus op een aantal topsectoren. De samenwerking is georganiseerd in het Samenwerkingsverband Eindhoven (SRE), bestaande uit 21 gemeenten in de regio Eindhoven, de Technische Universiteit, bedrijven en bewoners.

Samen bedachten ze het plan Brainport Eindhoven om van de stad een technologische en economische topregio te maken.

Het samenwerkingsverband ondersteunt specifiek high-tech en designbedrijven: logische keuzes gezien Eindhovens historische innovatieve vermogen (Philips, DAF, Technisch Universiteit) en de jarenlange aanwezigheid van een vooraanstaande design academie.

Open ecosysteem

Dat plan is goed uitgepakt. Eindhoven heeft zich ontwikkeld tot een open ecosysteem waarin de topsectoren elkaar versterken en bedrijven zich gesteund weten door een heldere visie van de overheid.

De internationalisering van de Akademie voor Industrieel Ontwerp (sinds 1997: Design Academy Eindhoven) en het opengooien en omdopen van Philips’ innovatiecentrum tot High Tech Campus Eindhoven versterkte de (internationale) aantrekkingskracht van de stad.

Ondertussen vergrootte Eindhoven de R&D-uitgaven en investeerde in een prettig werk- en leefklimaat zodat kenniswerkers graag naar de stad verkasten.

Samenwerking faciliteren

Innovatiegoeroes prediken wel vaker samenwerking als sleutel tot succes. Samenwerking is ook cruciaal, maar helaas zien we bij SUBtracers vaak dat nationale en met name Europese overheden (internationale) samenwerking proberen op te dringen door dit als criteria in tenders en subsidieaanvragen op te nemen.

In de praktijk blijkt echter dat zo’n onnatuurlijke samenwerking vaak uiterst stroef verloopt. Eindhoven heeft laten zien dat de overheid duurzame samenwerking kan promoten tussen natuurlijke partners door een heldere langetermijnvisie uit te dragen. Internationale samenwerking en succes volgen dan vanzelf. Daar kunnen veel steden nog wat van leren.

Sander Wolfensberger is medeoprichter van subsidieadviesbureau Subtracers. Volg hem via Twitter of neem contact op via LinkedIn.