Ook gij China?

Het lijkt er op dat nu ook de Chinese autoriteiten deel zijn gaan nemen aan de valutaoorlog die al enige jaren gaande is wereldwijd.

Door Martine Hafkamp

De Chinese munt, de renminbi of yuan zo men wil, is deze maand aanzienlijk gedaald. Dat is opvallend voor een munt die de laatste jaren maar één kant op leek te kunnen gaan. Sinds de top van 14 januari is de munt 1,4 procent minder waard.

Op zich is dat natuurlijk (nog) geen spectaculaire daling, maar de richting springt in het oog. Het is namelijk wel de grootste wekelijkse daling sinds de devaluatie van 1994. Dat was toen het startsein voor de exportexplosie die later van zo’n grote invloed zou worden op de wereldeconomie. 

Vooral voor valutahandelaren lijkt deze beweging een keerpunt, want tot voor kort was beleggen in de Chinese munt een transactie die maar één kant op kon gaan, en dat was omhoog. Het is bovendien opmerkelijk, omdat de beweging in feite tegengesteld is aan het officiële Chinese beleid van het bevorderen van de binnenlandse consumptie ten koste van de export. Voor een dergelijk beleid is juist een sterkere munt nodig.

Zweven

In 2005 begonnen de Chinezen aan hun zogenaamde gecontroleerd laten zweven van de munt. De munt kon een bepaald percentage bewegen binnen een bepaalde bandbreedte.

De Chinezen kregen gedurende al die jaren veel kritiek, vooral vanuit de Verenigde Staten, omdat de munt desondanks te goedkoop was en daardoor concurrentievervalsend. De laatste jaren was de kritiek echter wat verstomd, omdat de Chinese munt een behoorlijk eind was opgelopen; totaal ongeveer 15 procent ten opzichte van 2010 bijvoorbeeld.

Er zijn twee verklaringen voor deze beleidswijziging van de Chinezen. Ten eerste kan het zijn dat men bezorgd is over de toenemende concurrentie vanuit vooral het nabijgelegen Japan. De forse daling van de Yen heeft de Japanse export immers aantoonbaar goed gedaan ten koste van de Chinese export.

Carry trades

Ten tweede kan het zijn dat de Chinese Centrale Bank een einde wil maken aan de zogenaamde carry trades. Zo’n beetje iedereen in Hongkong en Singapore leek in te zetten op een verdere stijging van de Chinese munt door te lenen in een munteenheid die zwakker werd en te beleggen in de Chinese munt. De Centrale Bank wil blijkbaar aan deze speculatie een eind gaan maken.

Daar komt overigens nog iets bij. China is zo op het oog namelijk in de dollarval gelopen. Dat wil zeggen dat ze zoveel geld aan de Verenigde Staten hebben uitgeleend, vooral via het opkopen van Amerikaanse staatsobligaties, dat ze daar niet meer vanaf kunnen zonder schade aan te richten aan hun eigen positie.

Het is het bekende verhaal dat wanneer je een kleine schuld hebt bij de bank, jij een probleem hebt, maar wanneer je een grote schuld hebt bij de bank, diezelfde bank ineens een probleem heeft. In dit geval is China de bank en zijn de Verenigde Staten de kredietnemer.

Een dalende dollar zou het probleem voor China steeds verder vergroten. Je kunt niet meer uit je positie terwijl die positie steeds verder in waarde zakt. De daling van de Yuan, en daardoor dus de stijging van de dollar, geeft de Chinezen weer even wat lucht.

Spannender

Maar nu de Chinezen ook mee lijken te gaan doen aan de valutaoorlog wordt het steeds spannender op het wereldtoneel. Wordt de euro er het slachtoffer van dat de ECB ogenschijnlijk niets doet?

Het afgelopen cijferseizoen en de toelichting die veelal op de jaarcijfers wordt gegeven, toont aan dat de sterke euro al fors in het nadeel van het Europese bedrijfsleven werkt.

De komende tijd zal de vraag wat het antwoord van de Europese Unie en de Europese Centrale Bank zal zijn, daardoor steeds belangrijker worden. Is de eerste ronde kwantitatieve verruiming (QE1) door de ECB in aantocht?

Martine Hafkamp is algemeen directeur van Fintessa Vermogensbeheer. Zij won in 2012 de Gouden Stier voor de Beleggingsexpert van het jaar. Volg Martine ook op Twitter.com/Martinehafkamp

Tip de redactie