De financiële markten van vooral Argentinië en Turkije piepen en kraken. De Argentijnse overheid moest haar ondersteuning van de peso opgeven, omdat de dollarreserves uitgeput raakten.

Door Martine Hafkamp

De peso raakte in een duikvlucht. In Turkije gebeurde hetzelfde met de Turkse Lira. Andere opkomende markten kwamen eveneens onder druk. Een golf van verkopen ging over India, China, Rusland, Zuid Afrika Brazilië en andere markten. De aanleiding?  Een combinatie van factoren.

Ten eerste vindt er een herhaling van de gebeurtenissen van jongstleden mei plaats. Toen kondigde Ben Bernanke aan zijn ruime monetaire beleid binnenkort toch echt te gaan terugdraaien. Minder dollars in omloop dus en meteen ontstonden er financieringstekorten in de landen met grote tekorten op hun betalingsbalans. Brazilië, India, Indonesië, Zuid-Afrika en Turkije zijn de usual suspects.

Een minder ruim monetair beleid leidt naar verwachting uiteindelijk tot hogere rentes en landen met tekorten raken in de problemen. Net als afgelopen mei vond er een grote kapitaalvlucht plaats uit deze landen met zwakke valuta, zeker nu de tapering in gang wordt voortgezet.

De zwakste schakels Argentinië, Zuid Afrika en Turkije zijn al geknapt of knappen bijna. De Turkse Lira daalde met ongeveer 50 procent eer de financiële autoriteiten drastisch ingrepen. In Zuid Afrika, Brazilië en India werd de rente eveneens verhoogd om de munt te ondersteunen.

China

Ten tweede viel de verwachte voortgang van de tapering van de Fed samen met een veronderstelde groeivertraging in China. Al enige tijd zijn de economische cijfers uit China minder himmelhoch jauchzend dan we voorheen gewend waren.

Nu waren het de cijfers van de inkoopmanagers: onder de 50 en dat duidt op krimp. Voeg daarbij de angst dat er in China na jaren van al te ruime kredietverstrekking een kredietcrisis naar Westers model zou kunnen ontstaan.

Vooral het systeem van het schaduwbankieren is behoorlijk uit zijn krachten gegroeid, waardoor het bankenstelsel op z’n zachtst gezegd wankel is.

Zorgen

Beide factoren sloegen neer in een klimaat waarin beleggers zich al een tijdje zorgen maakten over aandelenmarkten. De aandelenkoersen zijn natuurlijk al behoorlijk opgelopen met bijvoorbeeld nieuwe all time highs in de Verenigde Staten en Duitsland.

In een dergelijk klimaat wordt ieder feit op een goudschaaltje gewogen en kan een negatief cijfer voor beleggers aanleiding zijn om de verkoopknop wat sneller in te drukken dan normaal zou worden gedaan.

Een wereldwijde daling op de markten en een klassieke vlucht naar veiligheid was een feit, met een hoofdrol voor de opkomende markten.

De zorgen worden versterkt door de gepubliceerde resultaten tijdens het huidige cijferseizoen. Een aantal cijfers van Europese en Amerikaanse bedrijven valt tegen met als voornaamste reden: een dure euro of een dure dollar. Lees: de valuta in de landen waar zij veel producten verkopen waren fors gedaald. DSM is daar in eigen land een voorbeeld van.

Azië-crisis

Is een herhaling van de beruchte Azië-crisis (1997-1998) mogelijk? Dat valt waarschijnlijk wel mee. Anders dan toen beschikken de landen met hun enorme tekorten op de betalingsbalans nu over grote dollarreserves waardoor ze de tekorten nog wel enige tijd kunnen dekken.

Ja, hun valuta en beurzen staan onder druk. Maar hun economieën zijn nu veel gezonder dan toen. Argentinië is een uitzondering. Deze economie was er al slecht aan toe en de huidige situatie duwt hen feitelijk net over de rand.

Ook in China kon het allemaal wel eens mee gaan vallen. Ten eerste is de inkoopmanagersindex waar zo heftig op werd gereageerd de afgelopen vier jaar regelmatig (41 procent van de gevallen) onder de 50 gezakt. Niets nieuws onder de zon dus.

Credit crunch

En die credit crunch dan? Ja, zoals ik vorige week ook al memoreerde zijn er in China veel te veel kredieten verstrekt. En ja, dat is een probleem voor China. Maar dit geld is voornamelijk aangewend voor speculatieve doeleinden.

De deelnemers van het Wealth Management Product van steenkooldelver Shanxi Zhenfu worden gered, maar of dit in de toekomst steeds zo zal blijven gaan?

Wanneer deze speculatieve bubbel zou worden doorgeprikt hoeft dat voor de economische groei geen al te groot bezwaar te zijn. Sterker nog, de economie zou er veel gezonder van kunnen worden. Op korte termijn is de invloed ervan echter wel negatief.

Een punt van zorg voor de westerse bedrijven is het beleid van de Chinese autoriteiten om het buitenlandse bedrijven moeilijker te maken om hun producten in China te produceren en verkopen. De lonen zijn fors gestegen, de concurrentie uit China zelf neemt fors toe (Huawei, Lenovo) en de regelgeving voor buitenlandse bedrijven wordt strenger.

Als gevolg daarvan heeft Revlon zich al teruggetrokken uit China, L’Oréal overweegt het en een aantal andere bedrijven is zich eveneens aan het heroriënteren. De gouden jaren lijken voorbij voor veel westerse multinationals in China. De Chinese middenklasse gaat, zoals verwacht, inderdaad meer besteden, maar ze kopen niet alleen westerse producten.

Onrust

De onrust in de opkomende markten kan nog wel even voortduren en de beurzen zouden wellicht nog verder kunnen dalen. Maar op zeker moment biedt deze correctie beleggers een prachtige kans. Terwijl iedereen terecht dan wel onterecht klaagt over te hoge koersen op de westerse aandelenbeurzen, zijn de opkomende markten aanzienlijk goedkoper geworden.

De koerswinstverhoudingen op de verwachte winst van 2014 van alle opkomende markten samen bedraagt nu 9. Dat is veel lager dan de koerswinstverhoudingen in zowel Europa als de Verenigde Staten.

Als beleggers het toch wat te onrustig vinden om rechtstreeks in de opkomende markten te stappen, kunnen ze ook aandelen kopen van bedrijven die een groot deel van hun omzet realiseren door hun producten in diezelfde opkomende markten te verkopen. Dat zijn zo’n beetje alle multinationals dus, met als bekende voorbeelden DSM, Unilever, Daimler, Volkswagen en Apple.

De fors gedaalde valuta in de opkomende markten werken naar twee kanten. Voor diezelfde multinationals werkt het in eerste instantie negatief.

Aan de andere kant maakt het de export vanuit de opkomende markten fors goedkoper. Het zal daardoor de toekomstige winsten van bedrijven uit de opkomende markten ten goede komen, waardoor koersstijgingen zullen volgen.

Martine Hafkamp is algemeen directeur van Fintessa Vermogensbeheer. Zij won in 2012 de Gouden Stier voor de Beleggingsexpert van het jaar. Volg Martine ook op Twitter.com/Martinehafkamp