Tegen de achtergrond van een langdurig lage rente, financiële repressie en een minder ruim monetair beleid - zaken die volgens de Fed los van elkaar moeten worden gezien - lijkt de wereldeconomie langzaam maar zeker aan te trekken.

Door Martine Hafkamp

Zo is de Baltic Dry Index sinds de zomer verdrievoudigd en op het hoogste niveau in drie jaar aanbeland. Overigens is er nog een lange weg te gaan om de piek uit 2008 te evenaren.

De huizenmarkt in de Verenigde Staten is met een stijging van meer dan 13 procent op jaarbasis, al meer dan een jaar in herstel. Het lijkt er sterk op dat het proces van deleveraging, dat in 2008 startte als reactie op de crisis op de huizenmarkt, op zijn einde loopt.

Deze ontschulding was de grote rem op de groei van de Amerikaanse economie. Zolang er aan schuldafbouw wordt gedaan, kan een economie niet echt expanderen. Dit jaar echter wordt er in de Verenigde Staten ongeveer 146 miljard dollar besteed aan het renoveren en verbouwen van de eigen woning.

Dat is een teken dat Amerikanen niet langer hun inkomen aanwenden om af te lossen, maar juist om meer te gaan besteden. Dat weerspiegelt zich eveneens in aantrekkende autoverkopen.

Europese Unie

Ook in de Europese Unie zien we tekenen van herstel. Zelfs ‘doodgewaande’ economieën als Spanje en Ierland zien de economische omstandigheden verbeteren. Ierland is sinds kort weer vrij en kan zelfstandig lenen op de kapitaalmarkt.

Het sentiment op de beurs is ondanks de stijging van de laatste jaren nog steeds niet erg optimistisch. De stemming is niet te vergelijken met bijvoorbeeld 2000 (overdreven euforie) of 2007 (te weinig risico-aversie).

Er is een bubbel in het gebruik van het woord bubbel. Een crash komt altijd onverwacht en niet wanneer er veel mensen vanaf de zijlijn voor waarschuwen.

Risico-aversie

Toch is de risico-aversie van beleggers wel afgenomen. De voorheen populaire vluchthavens als staatsobligaties, goud en zilver kenden bijvoorbeeld geen goed jaar.

Over de prijs van aandelen verschillen de meningen. Dat is maar goed ook, want als iedereen het met elkaar eens zou zijn, was er geen markt. Aandelen zijn historisch gezien nu zeker niet duur. De koerswinstverhouding van aandelen uit de S&P 500 bedraagt 16 op basis van de winstverwachting voor 2014.

Historisch gezien is dat precies gemiddeld. Niet goedkoop meer, maar ook zeker niet duur. Voor Europese aandelen bedraagt de gemiddelde koerswinstverhouding voor volgend jaar 14. Dat is overigens geen reden om nu enthousiaster te worden over Europese aandelen dan over Amerikaanse. Historisch gezien zijn aandelen die in Europa genoteerd staan altijd goedkoper.

De lage rente maakt aandelen overigens erg goedkoop, want bij een tienjaarsrente van nog geen 2 procent (Duitsland) of bijna 3 procent (Verenigde Staten) hoort een hogere koerswinstverhouding. Aandelenkoersen zijn immers niets anders dan contant gemaakte toekomstige verwachte bedrijfswinsten.

Bedenk daarbij dat het historische gemiddelde over de afgelopen 400 jaar van een tienjaarsrente op staatsobligaties ongeveer 4 procent bedraagt. De koerswinstverhouding mag dus best wat hoger zijn dan gemiddeld.

Bedreigingen

Uiteraard is het niet alleen maar rozengeur en maneschijn op de beurs. Er zijn altijd bedreigingen. Desondanks ben ik positief gestemd. Het potentiële herstel van de Amerikaanse economie wordt in mijn ogen onderschat.

Het bereikte begrotingsakkoord kan ervoor zorgen dat de circa 1,5 procent, die tot op heden door de automatische bezuinigingen, van de groei werd afgeschraapt, verdwijnt. Daardoor blijft er meer ruimte voor groei over en dat is positief nieuws voor de aandelenbeurzen.

Bovendien, wanneer je in aandelen belegt, beleg je in menselijke creativiteit en die voegt oneindig meer waarde toe dan beleggen in statische zaken die alleen maar, veronderstelde, waarde vasthouden.

Bewijs? Een belegger die in 1983 (het begin van de toen nog EOE-index) in de AEX zou zijn gestapt, zou in de afgelopen dertig jaar inclusief dividend een gemiddeld rendement van 10 procent per jaar hebben gerealiseerd. Noem mij maar eens een betere belegging.

Positief verrassen

Het komende jaar zou weleens zeer positief kunnen gaan verrassen. De afwachtende houding van beleggers kan wellicht omslaan in euforie. Dat betekent dat er nog veel koersstijging in het vat kan zitten.

In de loop van het jaar zou er vervolgens meer dreiging van een (stevige) daling kunnen komen. Dat wordt pas het moment om wat gas terug te nemen en om je winsten (gedeeltelijk) veilig te stellen. Bij een eventuele daadwerkelijke daling kan er vervolgens weer een tandje bij worden geschakeld.

Beleggen blijft immers dynamisch. Doe je huiswerk en weeg je kansen af tegen de risico’s. En laat je zeker geen gouden bergen op de mouw spelden of een bubbel aanpraten. Met gezond verstand kom je uiteindelijk het verst.

Martine Hafkamp is algemeen directeur van Fintessa Vermogensbeheer. Zij won in 2012 de Gouden Stier voor de Beleggingsexpert van het jaar. Volg Martine ook op Twitter.com/Martinehafkamp.