Het is zaterdagmiddag en we draaien na een bezoek aan vrienden de ring-A10 af. Ik wil nog even de tank volgooien. Met hoge snelheid rijdt een zwarte Duitse SUV me net voor het einde van de afrit voorbij en draait voor me het tankstation op.

Door Walther Ploos van Amstel

Hij parkeert de auto precies tussen twee vrije pompen in, daarbij de weg naar de voorste twee pompen blokkerend. Niet aardig denk ik nog. Het is er al zo druk.

Voor ik boos word, en resoluut op de claxon druk, bedenk ik me ineens dat er mogelijk iemand uitstapt die heel slecht ter been is en die ruimte simpelweg nodig heeft. Voor je het weet reageer je overdreven en onnodig geïrriteerd. Ook ik moet oppassen voor mijn korte lontje. Er is vast een goede reden voor deze vreemde parkeerstrapatsen.

Betalen pannenkoek 

Er stapt een Costa Brava bruine man uit de SUV. Het soort bruin dat je niet op de golfbaan krijgt. Hij is duidelijk met z’n meisje op stap. Zo’n Toren-C pubermeisje, hardcore fan, met bijpassende opgestoken paardenstaart, en veel kauwgom. Ik durf haast niet te kijken. Straks roept ze: 'Dat wordt betalen, pannenkoek!’.

Na ruim 5 minuten is meneer nog niet terug. Hij drinkt binnen in alle rust een kop koffie en snavelt een kroket uit de muur. Wij wachten af. Is dit nu onbewust asociaal gedrag?

Juniorenteam

Inmiddels staat naast me een andere auto stil. Een man met een stationwagen vol jongens. Net terug van een voetbalwedstrijd? Waarschijnlijk was het vandaag zijn beurt om het juniorenteam te rijden.

We kijken elkaar aan. Een blik van begrip… we durven geen van beiden naar binnen te gaan om te vragen de auto te parkeren waar dat hoort. Ik heb geen zin in de verwensingen die je tegenwoordig krijgt als je zoiets fatsoenlijk vraagt. Ik heb net iets te vaak 'waar bemoei je je mee’, 'je moet je kop houden' en 'klootzak’ gehoord de afgelopen maanden. Ik laat me mijn rustige zaterdagavond, thuis op de bank, met een flesjes wijn en een mooie film niet ontnemen.

De voetbalvader naast me haalt moedeloos z’n schouders op als de man na bijna 10 minuten met een nieuw pakje sigaretten in zijn auto stapt. Mijn buurman kijkt ook uit naar een rustige avond thuis na al het geweld op het veld.

Hoffelijkheid

Is het allemaal echt nodig? Luid bellend door rood rijden en roepen dat ik opzij moet. Mobiel bellen bij de Albert Heijn kassa. Kletsen in de stiltecoupé. Roken waar roken niet mag. Die boodschappentassen op de enige vrije plek in de bus. Ik ben klaarblijkelijk ouderwets opgevoed dat ik dat allemaal ongewoon vind. Ik kan er maar niet aan wennen.

Ik wil me overal op mijn gemak kunnen voelen en niet hoeven te schrikken van het gedrag van anderen. De Amsterdamse wethouder Andrée van Es hield eerder een pleidooi voor meer hoffelijkheid. Dat is de basis voor de oprechte ontmoeting tussen mensen. Ik ben het helemaal met haar eens. We kunnen in 2014 wel wat meer hoffelijkheid gebruiken.

Walther Ploos van Amstel is docent logistiek aan de Hogeschool van Amsterdam en supply chain expert bij TNO Mobiliteit en Logistiek. Volg Walther ook op Twitter.com/Delaatstemeter.