Er zijn andere manieren om je te beschermen tegen ongewenste overname of gezeur bij erfopvolging in familiebedrijven. De stichtingsvorm kan leiden tot fiscale duurzaamheid en beschermt de integriteit van de onderneming - en je hoeft geen rekening te houden met de grillige wensen van de aandeelhouders.

Door Victor van Kommer

Eigenlijk moet ik niet beginnen over gretigheid en gulzigheid in onze wereld van hebzucht en afgunst. Hoeveel columns zijn daar al niet over geschreven? Dus geen rondje vitriol en azijn maar een stukje hoe het anders kan. Veel bedrijvigheid vindt zijn weg in de vorm van een eenmanszaak of een BV of NV.

De eenmanszaken, de vrouw-man firma en de maatschap kennen allemaal de beperking van de aansprakelijkheid voor het privé kapitaal. En bij stijgende winsten een ongunstige inkomstenbelasting van 52 procent in plaats van het gunstige vennootschapstarief van 20 procent. (Er is trouwens een mooie app die precies uitrekenen wanneer de omslag naar een BV gunstig wordt.)

Op het moment dat je groot genoeg bent voor de rechtsvorm van BV en NV zijn er natuurlijk weer een ander scala aan beperkingen. Veel ondernemingen die aandelen uitgeven hebben vroeg of laat het gevaar dat ze kunnen worden overgenomen of kennen het probleem van de juiste opvolging in de familiesfeer.

Wanneer de winsten vet afzetten op de flanken, het marktaandeel gestadig groeit of dat interne technologische ontwikkelingen het levenslicht zien, verschijnen aan de horizon roofdieren die een trede hoger staan in de kapitalistische voedselketen.

De lucht is vol van rare vogels die de eieren willen stelen of nog erger de hedgefondskoekkoek die zijn extern gefinancierde eitjes in je nest wil leggen.

Bescherming

Hoe kan je je daar nu tegen beschermen? Het meest eenvoudige is de stichtingsvorm.

Niets en niemand verbiedt om winst te maken binnen een stichting. Het is alleen niet het hoofddoel maar elke organisatie gericht op kennisvermeerdering (trouwens de enige wijze om de global competition het hoofd te bieden) zal toch iets hebben met research en ontwikkeling?

Verhef deze legitieme redenen ook tot hoofddoel en het winststreven maakt dit mogelijk. Een stichting kan goede marktconforme salarissen aanbieden. Dus er is weinig aan de hand behalve dat je geen last hebt van lastige aandeelhouders die uiteindelijk toch altijd hun hersens in hun portemonee hebben zitten en geen aasgieren die je onderneming leegpikken.

Fabeltje?

Is dit een theoretisch fabeltje? Nee gewoon realiteit. IBFD (een fiscaal onderzoekscentrum en uitgeverij) het bedrijf waar ik voor werk is dit jaar 75 jaar jong en we maken gezonde winsten die we weer terugpompen in het bedrijf en er ook mooie onderzoeksprogramma’s mee financieren. De salarissen zijn gezond en marktconform.

En de concurrentie kan ons niet overnemen dus die moet leven met een onafhankelijke vogel die in aller rust zijn eigen eieren kan uitbroeden. Een variant is de  vennootschapsbelasting in Estland die de winsten niet belast die in het bedrijf blijven maar wanneer ze worden uitgedeeld aan de aandeelhouders. Er bestaat dus gelukkig zoiets als fiscale duurzaamheid.

Victor van Kommer is directeur Tax Services van het fiscale onderzoeksbureau International Bureau of Fiscal Documentation (IBFD), voorzitter van het Kennis Instituut Zelfstandig Ondernemen (KIZO) en bijzonder hoogleraar Tax Policy aan de Universiteit Utrecht.