Het nieuws gaat dat Rutte II het ontslagrecht eindelijk gaat versoepelen. Wie het regeringsakkoord erop naslaat, concludeert echter iets anders, zo stelt arbeidsrechtadvocaat Marco Swart.

Door Maro Swart

Het Nederlandse ontslagrecht is alweer een jaar of tien onderwerp van een verhit politiek debat. Al die tijd is de preventieve ontslagtoets veel werkgevers een doorn in het oog.

In het regeerakkoord zijn de nieuwe plannen rond het ontslagrecht nogal omzichtig geformuleerd. Maar wie nauwkeurig leest, ziet dat er sprake is van een wezenlijke beperking van de ontslagmogelijkheden.

Het staat er als uitgangspunt echt: "We handhaven de preventieve ontslagtoets in de vorm van een verplichte adviesaanvraag aan de UWV. Criteria voor rechtmatig ontslag worden nauwkeurig omschreven. De parallelle route via de kantonrechter vervalt."

Diederik Samsom sprak bij Pauw & Witteman terloops over een verbetering in ruil voor verdere versobering van de WW.

Escape

De preventieve ontslagroute langs UWV (vroeger de directeur van het arbeidsbureau) was een naoorlogse maatregel, bedoeld om de toenmalige arbeidsmarkt te stabiliseren. De ontslagroute via de kantonrechter was de escape voor werkgevers voor wie de ontslagroute via UWV te riskant of te omslachtig was.

De keerzijde ervan is dat de kantonrechter de werkgever doorgaans een ontslagvergoeding laat betalen om het arbeidscontract te beëindigen. Juist aan de weg via de kantonrechter wil de nieuwe regering een einde maken, enkele uitzonderingen daargelaten

Slecht nieuws

In mijn ogen kan dit voor werkgevers niet anders dan slecht nieuws betekenen. Ook voor wat betreft de versoepeling van het ontslagrecht is het lente-akkoord verleden tijd.

Als de plannen van de nieuwe regering werkelijkheid worden, zullen werkgevers alleen nog maar kunnen ontslaan als zij hun ontslagdossiers uiterst grondig op orde hebben.

Marco Swart is advocaat arbeidsrecht bij Swart & De Schepper Advocaten te Eindhoven en auteur van het boek ‘Ik wens u veel personeel, het arbeidsrecht in de praktijk’