Dit voorjaar ging Adriaan van Dis naar het land waar hij ‘het meest nooit is geweest’, maar waar ook ‘de weerklank van de echo van het Nederlands verleden nog heel duidelijk hoorbaar is’.

Door Martine Hafkamp | Fintessa Vermogensbeheer, in samenwerking met Belegger.nl

Onlangs laaide de politieke discussie in Den Haag hoog op, toen de regering een aantal overbodig geworden Leopardtanks aan Jakarta wilde slijten. Indonesië besloot niet op de uitkomst van het politieke debat te wachten en kocht de tanks van Duitsland.

Bondskanselier Merkel verklaarde desgewenst dat zij geconstateerd had het land de laatste jaren een snelle ontwikkeling heeft doorgemaakt en dat ‘het een voorbeeld van verdraagzaamheid tussen de godsdiensten is’.

Als vakantiebestemming is Bali bij veel landgenoten populair, maar Indonesië is lang niet op de radar van buitenlandse investeringen voorgekomen. Dit kwam voornamelijk omdat de groei de afgelopen jaren hooguit gestaag was. Vandaar dat Indonesië ook minder in het oog sprong dan andere opkomende economieën.

Valutacrisis

Maar er is nog een reden voor de aanvankelijke voorzichtigheid, één die een aantal van ons nog vers in het geheugen ligt. Namelijk de Aziatische valutacrisis van vijftien jaren geleden, die heel Oost-Azië jarenlang in de ban heeft gehouden en vooral Indonesië.

In 1997 ondervond Indonesië aan den lijve de impact van een financiële crisis. Door onder andere (te) snelle financiële dereguleringen, zwakke regelgevende instanties en bedrijfsstructuren die risico nemen stimuleerden, was de Indonesische economie erg kwetsbaar geworden voor veranderingen in renteveranderingen en wisselende valutakoersen.

Toen de Thaise regering door een tekort aan vreemde valuta om dezelfde koers te behouden gedwongen werd de Baht te ontkoppelen van de dollar ging het mis. Beleggers verloren het vertrouwen in de gehele regio. Aandelenmarkten zakten in elkaar, valuta’s gingen onderuit en beleggers namen hun toevlucht tot bekende munten.

Roepia

De Indonesische Roepia ging het hardst onderuit: van 2.400 Roepia voor een dollar in september 1996, naar 16.000 Roepia per dollar krap twee jaar later (bron: Bloomberg). Dit had natuurlijk meer consequenties. Bedrijven die in dollars hadden geleend konden hun schulden niet meer betalen.

Uiteindelijk belandden heel veel mensen onder de armoedegrens. Zo ging de valutacrisis over in een bankencrisis met verstrekkende gevolgen. Indonesische staatsobligaties kregen de status junkbond. Na grote volksopstanden werd president Suharto gedwongen op te stappen.

Pogingen van het IMF om het vertrouwen te herstellen mislukten, wat ertoe leidde dat Indonesië tot 2003 eigenlijk aan het infuus bij het IMF lag.

Het is ondertussen 2012 en Indonesië ligt zeker niet meer aan dat infuus. Na de harde klappen die het land heeft gekregen eind jaren’90 zijn veel beleidsmaatregels genomen om financiële blootstelling aan het buitenland te minimaliseren. Politiek risico bestaat nog steeds, maar aan corruptie wordt hard gewerkt door van onderuit de bevolking hiervan bewust te maken.

Groei

Met een verwachte groei dit jaar van 6,5 procent en een bevolking van 240 miljoen mensen, waarvan ruim 40 procent jonger dan 25 jaar is, is Indonesië de grote kracht onder de Zuidoost- Aziatische motorkap. Het grote voordeel ten opzichte van India en China is de toegang tot natuurlijke bronnen als olie, gas, hout, koper, goud en zilver.

Natuurlijk kunnen beleggers in Indonesië investeren door trackers te kopen. iShares Far East belegt bijvoorbeeld ook in Telekomunikasi, maar ook in een Indonesische gasmaatschappij en de grootste nationale bank, Bank Mandiri.

Voor wie echter graag direct wil beleggen in Indonesië zijn er aandelen van Indonesische multinationals voorhanden, waarvan twee genoteerd staan aan de Amerikaanse beurs. Eén van die twee is Telekomunikasi Indonesia.

Deze telecomonderneming kondigde laatst aan uit te breiden naar Oost-Timor. Daar ziet men veel mogelijkheden, omdat de telecommarkt in dat land nog in de kinderschoenen staat. Niet geheel zonder risico’s natuurlijk, maar regionaal zou deze telecommunicatie verschaffer wel een grote rol kunnen gaan spelen.

Westerse multinationals

Wilt u het nog anders doen, dan kunt u ook uw vizier richten op Westerse multinationals die actief zijn in Indonesië, al profiteren zij niet geheel van de groeiende Indonesische economie.

Lokale bedrijven hebben nog steeds het voordeel veel goedkoper te kunnen produceren dan multinationals die hun producten veelal moeten importeren. Hierdoor zien we wel steeds meer investeringen in Indonesië zelf. Zo gaat Toshiba haar productie van televisies in Indonesië uitbreiden tot vijf miljoen per jaar.

En ook Toyota ziet kansen met het middenklassemerk Daihatsu, dat de afgelopen jaren een groei van 24 procent zag en nu al een kwart marktaandeel bezit.

Sterke maag

Beleggen in opkomende markten als Indonesië, blijft vooral voor beleggers met een sterke maag. Het land is niet immuun voor de ontwikkelingen in de rest van de wereld.

Al ben ik overtuigd van de (stille) kracht van de economie en de uitstekende groeiperspectieven, toch zal de opgaande lijn er een van horten en stoten zijn. Een dergelijke belegging past, afhankelijk van het risicoprofiel, dan ook alleen binnen een goed gespreide portefeuille.

Martine Hafkamp is algemeen directeur van Fintessa Vermogensbeheer. Zij won in 2008 de Gouden Stier voor de beursvrouw van het jaar. Volg Martine ook op Twitter.com/Martinehafkamp.