Vraagvoorspelling: afblijven!

Over de kwaliteit van de vraagvoorspelling wordt wat afgesteggeld in bedrijven. Blijf er vooral af! Laat de computer het werk doen.

Door Walther Ploos van Amstel | Delaatstemeter.nl

Om alvast misverstanden te voorkomen: natuurlijk moet je goed plannen. Je wilt je capaciteiten, mensen en werkkapitaal in de greep houden.

Het startpunt voor die planning is meestal een voorspelling van de verwachte vraag; wat denken we de komende maanden te gaan verkopen? Maar, die vraagvoorspelling is in de praktijk niet zo nauwkeurig.

Afblijven

Paul Goodwin, professor aan de Management School van de Britse Universiteit van Bath deed onderzoek naar hoe bedrijven hun vraagvoorspelling maken. Een simpele boodschap: blijf er vooral af! Laat de computer het werk doen.

Kleine aanpassingen in de vraagvoorspelling zijn pure tijdsverspilling. Negentig procent van de vraagvoorspelling wordt in de praktijk aangepast, aldus Goodwin.

Het blijkt dat grote aanpassingen in de vraagvoorspelling de accuraatheid verbeteren, terwijl kleine aanpassingen de vraagvoorspelling niet verbeteren en soms juist verslechteren.

Kleine aanpassingen

Goodwin onderzocht met zijn team de data van zestigduizend door software gegenereerde vraagvoorspellingen, analyseerde vervolgens de aanpassingen die planners maakten en tot slot de accuraatheid van de vraagvoorspelling.

Gelet op de grootte van de aanpassing bleek dat een kleine aanpassing tijdsverspilling was of zelfs tot een slechtere vraagvoorspelling leidde. Zonde van de tijd dus.

Grote aanpassingen

Een grote aanpassing, bijvoorbeeld een verdubbeling van de vraagvoorspelling, leidt meestal wel tot een verbetering.

Aan grote aanpassingen liggen vaak relevante redenen grondslag, zoals een promotiecampagne, een nieuwe klant of een productintroductie. Dat zijn nuttige aanpassingen. Die moeten extra aandacht krijgen.

Managers verstoren de vraagvoorspelling om hun verkopers nog eens extra op te jagen. Met name een verhoging van de vraagvoorspelling leidt tot een minder betrouwbare vraagvoorspelling. Is het management misschien structureel te optimistisch?

Goodwin geeft de suggestie om iedereen die bij de vraagvoorspelling betrokken is anoniem een voorspelling te laten doen. Zo is er geen groepsdruk waarbij iedereen naar de dominante persoon aan tafel of zijn baas luistert.

Intensive care

Een vraagvoorspelling is vanzelfsprekend nodig voor goed voorraadbeheer en de planning van inkoop, productie en distributie. Vaak maakt de software al een prima vraagvoorspelling, als de masterdata goed zijn ingevuld. Volg dat advies dan ook.

Zorg ervoor dat de schaarse tijd van planners gaat naar die producten die om ‘intensive care' vragen. Dat zijn de promoties en acties, een nieuwe klant, het inzetten van een nieuwe distributiekanaal of een productintroductie.

Als ik vraag naar de kwaliteit van de vraagvoorspelling dan staan veel managers met hun mond vol tanden. Ze meten eigenlijk weinig, laat staan dat ze het gebrek aan kwaliteit hiervan analyseren.

Structureel

Meet daarom structureel de kwaliteit van de vraagvoorspelling. Bij welke producten doen zich de meeste problemen voor? Meet ook het effect van aanpassingen op de vraagvoorspelling. Wordt die er nu echt beter van? En is dat dan ook al die inspanningen waard?

Er zijn tal van methoden voor het voorspellen van de vraag. Vraag de planners eens om de uitkomsten van die verschillende methoden naast elkaar te zetten. Welke methode voorspelt de vraag het meest betrouwbaar?

Alleen met een gedegen plan-do-check-act cyclus bij sales and operations planning zal de vraagvoorspelling verbeteren. Hoe is de kwaliteit van uw vraagvoorspelling?

Walther Ploos van Amstel is docent logistiek aan de Hogeschool van Amsterdam en supply chain expert bij TNO Mobiliteit en Logistiek. Volg Walther ook op Twitter.com/Delaatstemeter.

Tip de redactie