De grens tussen belastingontwijking en -ontduiking is dun, blijkt ook uit een recente kwestie rond de aanschaf van ziekenhuisapparatuur.

Door Arjan Thomassen

Inkomsten uit het zicht houden van de fiscus is strafbaar. Wordt je gepakt, dan is de belasting daarover alsnog verschuldigd, krijgt men een boete en behoort zelfs een gevangenisstraf tot de mogelijkheden. Belasting ontduiken wordt dus ontmoedigd!

Belasting ontwijken daarentegen is wel geoorloofd. Eenieder is namelijk bevoegd om binnen de wettelijke spelregels te proberen om zo min mogelijk belasting te betalen. Belastingadviseurs maken daar dan ook hun werk van en zetten alleraardigste constructies voor hun cliënten op.

Constructies die door de belastingdienst ook nog tegen het licht gehouden kunnen worden. Je kunt namelijk ook te ver gaan waardoor er minder belasting betaald wordt dan volgens de wet de bedoeling is. Dan maak je misbruik van het recht en kan dit met een beroep op Fraus Legis met succes door de wetgever worden bestreden.

Omzetbelasting

Lucratieve constructies zijn er met name op te zetten in de omzetbelasting. Deze wet kent namelijk een leuke paradox: wie belast is is vrijgesteld en wie vrijgesteld is is belast.

Dit heeft alles te maken met het systeem van de omzetbelasting. Een volledig belaste ondernemer mag alle aan hem in rekening gebrachte omzetbelasting in aftrek brengen. Die omzetbelasting wordt niet als een last gevoeld.

Een volledig vrijgestelde ondernemer kan de aan hem in rekening gebrachte omzetbelasting echter niet in aftrek brengen. De omzetbelasting is dus een last. Zo’n vrijgestelde ondernemer kun je eigenlijk vergelijken met een consument.

Uitdaging

Voor vrijgestelde ondernemers is het daarom een uitdaging om bij omvangrijke investeringen een constructie te bedenken zodat de in eerste instantie niet aftrekbare omzetbelasting wel in aftrek gebracht kan worden. Dat scheelt al snel 19 procent!

Zo dacht een ziekenhuis er onlangs ook over toen zij nieuwe ziekenhuisapparatuur aan moest schaffen. Zonder een constructie geen voordeel, dus werd er snel een BV opgericht, werd de ziekenhuisapparatuur door de BV aangeschaft die vervolgens tegen een schappelijk prijsje werd verhuurd aan het ziekenhuis.

Door de verhuur werd de BV een belaste ondernemer en vroeg zij de omzetbelasting op de investering geheel terug. Na een periode van 5 jaar zouden de aandelen van de BV, wederom tegen een schappelijk prijsje, overgedragen worden aan het ziekenhuis en zouden de BV en het ziekenhuis een fiscale eenheid vormen. Vanaf dat moment zou de verhuur van de apparatuur aan het ziekenhuis verder vrij zijn van omzetbelasting.

Voordeel

De rechter denkt daar toch anders over: het staat een belastingplichtige vrij de voor hem voordeligste weg te kiezen. Die vrijheid gaat echter niet zo ver dat, met het doel van belastingontwijking, zonder enig reëel belang een kunstmatige route kan worden gekozen die ertoe leidt dat er minder belasting wordt betaald. De teruggave van de omzetbelasting op de investering door de BV werd dan ook niet verleend.

Arjan Thomassen is belastingadviseur bij Accredo Belastingadviseurs BV te Eindhoven en is daarnaast als parttime universitair docent Belastingrecht verbonden aan Maastricht University. Volg hem ook op Twitter.com/athomassen60