Bedrijfsobligatie wordt aantrekkelijker

Na de recente koersdalingen zijn de beschikbare rendementen op bedrijfsobligaties gemiddeld genomen aantrekkelijk.

Door Martine Hafkamp | Fintessa Vermogensbeheer, in samenwerking met Belegger.nl

Dat geldt zelfs voor ‘investment grade’-obligaties, waar een aantal leningen nu een rendement biedt dat nog niet lang terug slechts voorbehouden was aan lager dan investment grade-obligaties.

Ondanks dat de koersen deze bedrijfsobligaties vanaf het dieptepunt weer fraai oplopen, zijn de te behalen effectieve rendementen hierop nog steeds aanzienlijk hoger dan die van staatsobligaties van Nederland en Duitsland.

Natuurlijk is het de vraag of het meerrendement van gemiddeld gerekend drie tot vijf procent voldoende compensatie biedt voor het extra risico ten opzichte van de beste staatsobligaties. Ik denk van wel, zeker voor bepaalde individuele bedrijfsobligaties.

Die verwachting is gebaseerd op het gegeven dat het meerrendement niet alleen is veroorzaakt door een mogelijk verhoogd kredietrisico, maar ook door het deels stilvallen van de handel; de illiquiditeit.

Europa

Naar mijn mening zullen de marktomstandigheden, in ieder geval deels, verbeteren met het naderen en bereiken van een oplossing van het Europese schuldenprobleem, al schuiven de heren en dames politici eventuele beslissingen op dat gebied nog steeds voor zich uit. De belangen liggen onderling mijlenver uit elkaar en nog steeds lijkt niemand bereid de rest van de Eurozone op de bagagedrager mee te nemen.

Door de hierdoor ontstane zekerheid zijn vele beleggers in de gegoede staatobligaties gevlucht. Maar de effectieve rente van het Nederlands en Duits staatspapier zal volgens mij straks toch eerder de neiging hebben verder op te lopen, met dalende koersen tot gevolg, terwijl een dalende (il)liquiditeitsopslag voor bedrijfsobligaties daar de koersen redelijk op zijn plaats zullen houden, dan wel doen stijgen.

Rente

Daar bovenop overstijgt het effectieve rendement op deze staatsobligaties de rente op de spaarrekening niet. Gecombineerd met de enorme schuldenlast van de diverse overheden zijn staatsobligaties daarom voor het merendeel van de particuliere beleggers in mijn ogen geen aantrekkelijke investering.

Momenteel staat de kredietwaardigheid van verscheidene financiële instellingen onder druk en daarom laat ik de obligaties hiervan liever links liggen. Maar ook in de niet-financiële, dus corporate hoek, zijn veel interessante obligaties te vinden die een tik om de oren hebben gehad.

Kansrijk, omdat op de kapitaalmarkt het herstel doorgaans heel vlot kan gaan, waar prijsdalingen zich juist meestal meer stapsgewijs voltrekken.

Kapitaalmarkt

Zoals ik ook al eens eerder gememoreerd heb, zijn door de risicoaversie van banken bedrijven nu en in de toekomst voor hun financiering meer en meer aangewezen op de kapitaalmarkten, in plaats van bankkredieten.

Die trend was natuurlijk al gaande, maar zal alleen maar versnellen nu Europese financiële instellingen door Basel III, Solvency II en de dreigende afschrijving op staatsobligaties op zuidelijke landen, vooral bezig zijn zichzelf te financieren en herkapitaliseren.

Naar mijn mening zal nu en in de toekomst vanuit de markt de vraag naar bedrijfsobligaties op peil blijven. Er is voldoende nieuw geld voorhanden van institutionele beleggers wereldwijd.

Verschuiving

Daarnaast vindt er onder die categorie grote beleggers langzamerhand wel een verschuiving plaats van Europese en Amerikaanse staatsobligaties naar schulden van Europese en Amerikaanse ondernemingen als ook naar schulden van landen en ondernemingen uit groei-economieën.

Soms, in tijden van extreme angst en risicoaversie, stokt die instroom. Vroeger of later keert echter de liquiditeit terug. Tijdig instappen kan dan ook zeer profijtelijk zijn. Zeker als enige spreiding wordt aangehouden, is de upside behoorlijk, terwijl de downside te overzien is.

Aandelen

Resteert natuurlijk de vraag hoe attractief de bedrijfsobligaties zijn ten opzichte van de aandelen van diezelfde ondernemingen, die op de huidige koersen niet zelden dividendrendementen geven die met gemiddeld 4 tot soms wel 8 procent op vergelijkbare niveaus liggen.

Daar is mijns inziens geen eenduidig antwoord op te geven. Dat hangt immers ook af van de vraag wat uw beleggingshorizon is, hoeveel risico u zich kunt en wilt kunnen permitteren en, minstens net zo belangrijk, waar u zich prettig bij voelt.

In sommige gevallen, waar het zeer waarschijnlijk is dat het dividendbedrag per aandeel in de toekomst grotendeels gewaarborgd is, valt er veel voor het bedrijfsaandeel te zeggen. In andere gevallen kan de obligatie weer interessanter zijn. Het blijft wikken en wegen.

Martine Hafkamp is algemeen directeur van Fintessa Vermogensbeheer. Zij won in 2008 de Gouden Stier voor de beursvrouw van het jaar. Volg Martine ook op Twitter.com/Martinehafkamp.

Tip de redactie