Rara, wie ben ik?

Wie zijn functie wordt, verliest zichzelf. Soms is dat een beroepsvereiste, maar meestal niet.

Door Paul Verburgt

Een belangrijke voorwaarde om president van Amerika te worden is dat je presidentieel bent. Gewichtig overkomen, de stem een octaaf lager dan normaal, baby’s zoenen en bejaarden aaien en tegelijk met een verheven distantie de wereld in kijken.

Dat vreemde mengsel van mensenmens en supermens. Wie zichzelf is, wordt nooit president. Wees je baan!

Eigen taal

En ach, ik vind het ook wel een mooi gezicht. Hoge functionarissen die de rol van hoogwaardigheidsbekleder spelen. Iedereen begrijpt de boodschap: “Bij mij zit je goed, want ik ben belangrijk.”

Een stuk beter dan een koningin die op de fiets springt en warme chocola inschenkt. Die wil normaal mens spelen. Kan niet. Ik ben republikein, maar Beatrix vind ik oké. Ze is koninklijk. Ze spreekt zelfs een eigen taal. Goed werk!

Persoonsverwarring

Het gaat natuurlijk mis als een echt normaal mens zo in zijn baan opgaat dat die zichzelf vergeet. Dat is niet de bedoeling, want ben je dan nog wel iemand? Een opmerkelijk staaltje van persoonsverwarring kwam ik tegen toen ik bij een groot telecombedrijf werkte.

Ik was er helemaal door uit het veld geslagen. Ik sprak iemand die overdag de ‘nederige’ functie van monteur vervulde en ′s avonds de ‘machtige’ functie van wethouder. De rollen die er volgens hem bij hoorden, toonde hij me in een gesprek van een kwartiertje.

Mensen

Sindsdien wil ik niks meer weten van functies, alleen nog maar van mensen. Met als ultieme, voor mijn part onredelijke consequentie dat ik sollicitanten die naar de functiebeschrijving vragen, niet meer aanneem.

Paul Verburgt was jarenlang directeur van organisaties in de publieke en private sector en werkt nu als adviseur vanuit zijn bedrijf Minimal Management. Hij schreef de boeken 'Bazenbargoens' en recentelijk 'Heel Herkenbaar. Volg hem ook op Twitter/Paulminimal.

 

Tip de redactie