Managers zijn beperkt houdbaar

Je snapt niet dat managers zo duur zijn, want ze zijn beperkt houdbaar. Gehakt dat vóór morgen geconsumeerd moet worden, gaat vaak met tientallen procenten korting over de toonbank.

Door Paul Verburgt

En wie een collega wil verrassen met een mooie bos bloemen zonder zich in de kosten te steken, kan beter tot het eind van de middag wachten, bij voorkeur de zaterdagmiddag: te geef!

Managers zijn beperkt houdbaar. Dat weten ze vaak niet, toch is het zo.

Ik heb het niet over jonge managers die in het kader van hun ‘loopbaantraject’ een tijdje mogen oefenen in leidinggeven. Je reinste vivisectie (op de betrokken medewerkers). Heeft niks te maken met houdbaarheid. Wel met onhoudbaarheid!

Zeemeeuwmanagers

Het gaat evenmin over het soort managers – je ziet het vooral in grote organisaties – dat met een duizelingwekkende omloopsnelheid van plek naar plek wordt gestuurd. Weerslag van onrust en hitsigheid. Geeft alleen maar verwarring.

Zeemeeuwmanagers worden ze wel genoemd, niet door het hoogste gezag en zichzelf uiteraard: krijsend duiken ze naar beneden, schijten de boel onder en vliegen weer weg. Zitten nooit op de blaren, maken nooit iets af.

Ware managers

Managers moeten een organisatie verder helpen. Niet door boven op de medewerkers te gaan zitten of hen vast te rijgen in een dwangbuis van regels en controles, maar door problemen voor hen op te lossen, de koers uit te zetten en door te zetten.

Hun ware betekenis zit in de verbinding die ze met de medewerkers weten te maken en de gedragscodes, onderling en met de klant, te verpersoonlijken, zo nodig te helpen formuleren.

Op

Hoe vervelend het ook is, de effectiviteit daarvan is beperkt. Het is al onmogelijk de hele organisatie naar je hand te zetten (en dat is maar goed ook!), en het is nog minder mogelijk om dat jaren achtereen te doen.

In een enkel geval geeft een organisatie zich over en neemt ze de kleur van de baas aan, maar meestal keert men zich op een gegeven moment van de leider af. Het werkt niet meer. Het is op. Men is uitgekeken. Niets nieuws meer onder de zon.

Wegwezen!

Dat is een hard gelag voor menige baas. Je werkt je in het zweet, gaat door diepe dalen en net als het een tijdje loopt zoals je wilt, is de liefde over.

Er zijn er genoeg die aan deze verflauwende weerklank nieuwe inspiratie ontlenen en tegen zichzelf en hun getrouwen zeggen: ‘We zijn er nog niet. We moeten door!’

Jammerlijk misverstand. Verder dan waar hij was gekomen, kan hij niet komen. Dat is de uiterste reikwijdte van zijn gezag, zijn bekoring, zijn overtuigingskracht, zijn persoonlijkheid. Voor de duidelijkheid: voor vrouwelijke managers geldt het evenzeer!

Vijf, zes jaar

Ga uit van een periode van vijf, zes jaar en dan is het over. Als je in die tijd niet hebt bereikt wat je voor ogen stond, dan moet je weg. Heb je het wel voor elkaar gekregen, dan kun je weg.

Laat je niet wegkijken. Verras de organisatie met je onverwachte vertrek. Het is beter dat ze vragen waarom je weggaat dan wanneer!

Paul Verburgt was jarenlang directeur van organisaties in de publieke en private sector en werkt nu als adviseur vanuit zijn bedrijf Minimal Management. Hij schreef de boeken 'Bazenbargoens' en recentelijk 'Heel Herkenbaar. Volg hem ook op Twitter/Paulminimal

Tip de redactie