Vaak wordt verondersteld dat regeringen die fors bezuinigen de verkiezingen zullen verliezen.

Door Fred Huibers | HEK Value Funds

Velen zijn daarom pessimistisch dat de regeringen van landen als Griekenland, Ierland en Portugal de nodige wilskracht zullen tonen om tekorten terug te dringen. Is het pessimisme terecht?

Onterecht, zo blijkt uit een onderzoek dat onder leiding van Alesina van Harvard University is gepubliceerd.

Begrotingstekort

Zij hebben 19 Westerse landen onder de loep genomen die in de periode 1975 tot en met 2008 het begrotingstekort voor rentebetaling met minstens 1,5 procent van het nationaal inkomen hebben teruggebracht.

De kans dat zij de verkiezingen na of tijdens de uitvoering van de geplande bezuinigingen verloren, is 37 procent. Dat wijkt niet af van de kans op herverkiezing van een doorsnee zittende regering. Die is namelijk 40 procent.

Als de vijf meest extreme bezuinigingsprogramma bekeken worden, blijkt de kans op het verliezen van de verkiezingen nog altijd niet afwijkend van het gemiddelde percentage van 40.

De feiten wijzen erop, ondanks de vaak felle protesten en demonstraties in antwoord op de aankondiging van bezuinigingen, dat het electoraat de noodzaak van de onaangename maatregelen wel inziet.

Sentimenten

Ondanks deze gematigde houding, valt wel op dat het electoraat wel gevoelig is voor de wijze waarop een begrotingstekort wordt bestreden.

Als de plannen vooral leunen op belastingverhogingen, heeft de zittende regering 56 procent kans om door de kiezer naar de oppositiebanken te worden verwezen. Blijkbaar neemt het electoraat wel wraak als de bezuinigingen hen direct in de portemonnee raakt.

Fred Huibers is partner bij HEK Value Funds