“Ze zouden eens moeten weten!”, soms nog met de woorden ‘daarboven’ erbij of - wanneer we met oudere werknemers van doen hebben - ‘de hoge heren’. Onversneden knechtenkwaak. We maken een kleine studie.

De woorden ‘Ze zouden eens moeten weten!’ kunnen niet zomaar worden uitgesproken. Er gelden strenge regels. Vereist is een gekwelde uitdrukking op het gezicht, zo mogelijk (maar dat vergt oefening) vergezeld van een licht hoofdschudden.

De toon is niet al te luid, eerder zacht en altijd verontwaardigd. Routiniers slagen er wel eens in hun stem aan te lengen met een universeel besef van de slechtheid van de mensheid, maar hier praten we over de eredivisie van de klaagkonten en die kom je bijna nooit tegen.

Solidariteit kan niet zonder slachtoffers

’Ze zouden eens moeten weten!’ dient aan het slot van een gedegen betoog over een misstand te worden uitgesproken. Tijdens de uiteenzetting dient de spreker zijn verbondenheid met het bedrijf te laten blijken waardoor hem geen rancune of zelfs eigen falen kan worden verweten. Het is daarom aan te bevelen zo nu en dan scherp uit te halen naar een of meer (niet aanwezige) collega’s. Solidariteit kan nu eenmaal niet zonder slachtoffers.

Wanneer de slotzin heeft geklonken, dienen de omstanders uit te barsten in gesis en gemonkel. Voor spreker is dat het teken dat hij de toehoorders ervan heeft overtuigd dat hij een ‘complot’ aan het licht heeft gebracht. Dit is een belangrijk moment, want het kan zo maar misgaan.

De scheidslijn tussen een complot en een publiek geheim is dun. Nog dunner is de grens tussen een complot en ‘de bekende weg’. Als een spreker daarop terecht komt, is het met hem gedaan. Hij ontmaskert zich als een meeprater en daar zit het publiek niet op te wachten.

Complot

Het echte complot zit ondertussen in de klager zelf. Terwijl hij de indruk wekt schouder aan schouder te staan met zijn getroffen collega’s, plaatst hij zich eigenlijk aan de zijde van de bedrijfsleiding. Nee, zelfs in de plaats ervan.

‘Ze zouden eens moeten weten!’ is net als zoveel knechtenkwaak geheimtaal. Eigenlijk zegt-ie: “Als ik de baas was, was dit nooit gebeurd!”. Of preciezer: “Ze hadden mij baas moeten maken!”.

Knechtenkwaak, ik kan er niet genoeg van krijgen.

Paul Verburgt was jarenlang directeur van organisaties in de publieke en private sector en werkt nu als adviseur vanuit zijn bedrijf Minimal Management. Hij schreef de boeken 'Bazenbargoens' en recentelijk 'Heel Herkenbaar'