Advocaten verdachten zaak-Endstra boos op OM over insinuatie betaling

Het Openbaar Ministerie (OM) gaat uit van de mogelijkheid dat de advocaten van de verdachten van betrokkenheid bij de moord op Willem Endstra betaald zijn door de vermeende opdrachtgevers van die liquidatie.

"Een gotspe. Natuurlijk is er niet betaald", zegt een van de advocaten, Brigitte Roodveldt, in Willem, de wekelijkse misdaadpodcast van NU.nl. "Het toont de onmacht van het OM als je dergelijke dingen moet gaan gebruiken."

Roodveldt staat Ali N. bij, een van de verdachten van betrokkenheid bij de moord op vastgoedmagnaat Endstra op 17 mei 2004. Hij zou een van de uitvoerders geweest zijn. Roodveldt voert de verdediging 'op toevoeging'; ze krijgt een vergoeding van de Raad voor de Rechtsbijstand. In 2016 werd N. vrijgesproken. Inmiddels wordt de zaak in hoger beroep behandeld.

Tegelijkertijd staat Willem Holleeder in zijn proces terecht voor dezelfde moord. Hij zou, samen met anderen, opdracht hebben gegeven tot de liquidatie. Holleeders advocaten vinden dat er te weinig bewijs tegen hun cliënt ligt en vroegen in de eerste week van september de voorlopige hechtenis vanwege de verdenking van de Endstra-moord op te heffen.

OM zegt dat Holleeder motief voor liquidatie Endstra had

Op dat verzoek reageerde het OM donderdag afwijzend. Volgens het OM zijn er wel degelijk volop aanwijzingen dat Holleeder een motief had om Endstra uit de weg te ruimen én dat hij er ook de middelen voor had.

Holleeder zou samen met criminele kopstukken als Dino Soerel, Stanley Hillis en Ali Akgün een voor meerdere moorden verantwoordelijke criminele organisatie gevormd hebben. Soerel is inmiddels in hoger beroep tot levenslang veroordeeld voor de moord op Kees Houtman (2005) en Thomas van der Bijl (2006).

Akgün, een goede bekende van Holleeder, werd in eerste aanleg vrijgesproken en overleed voor hij in hoger beroep opnieuw terecht kon staan; hij werd in 2014 doodgeschoten in Istanbul.

Justitie beschikt over afgeluisterde gesprekken

Volgens het OM is duidelijk dat opdrachtgevers en uitvoerders via zogenaamde tussenpersonen met elkaar in contact stonden. Dat concludeert het uit onder meer afgeluisterde gesprekken tussen familieleden die het over de advocaten van de verdachten hebben.

"Uit het verdere verloop van het gesprek zou je kunnen afleiden dat Akgün de advocaten van Ozgür C. (Nico Meijering, red.) en N. (Roodveldt, red.) betaalt", zeiden de officieren van justitie donderdag.

Roodveldt nodigt OM uit om bij haar op kantoor te komen

Volgens Roodveldt beroept het OM zich op "een vaag gesprek" waarin de suggestie van de betalingen gedaan wordt. "Een gotspe noemen we dat bij mij thuis", zegt de advocaat. "Ik nodig het Openbaar Ministerie uit om bij mij op kantoor te komen kijken. Ik heb alle overzichten van betalingen van de Raad van Rechtsbijstand. Ik heb Ali Akgün nog nooit gezien. Ik vind het nogal wat dat dit op zitting gezegd wordt. Ze willen Holleeder linken aan Ali N., mijn cliënt. Nou, prettige wedstrijd. Daar komen we nog op terug."

Ook strafpleiter Meijering, die medeverdachte C. bijstaat en in het verleden de raadsman van Akgün was, toont zich verontwaardigd. "Te schandalig voor woorden, dit soort stemmingmakerij. Het is tekenend voor het niveau van het OM."

Begin oktober doet de rechtbank uitspraak in het opheffingsverzoek van Holleeder.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!

Lees meer over:
Tip de redactie