OM schuift alternatieve scenario's voor moord op Cor van Hout terzijde

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft dinsdag betoogd dat Willem Holleeder een duidelijk motief had voor de moord op Cor van Hout in 2003; geld. De alternatieve scenario's die door de verdediging naar voren zijn gebracht, doen de officieren van justitie als "ongeloofwaardig" af.

Volgens het OM zijn er genoeg getuigenverklaringen en aanwijzingen dat Holleeder verantwoordelijk is voor de opdracht tot de liquidatie op zijn zwager en daarmee ook Robert ter Haak. Laatstgenoemde stond naast Van Hout toen hij in Amstelveen onder vuur werd genomen.

"En daarmee zijn er genoeg bezwaren en gronden om de voorlopige hechtenis van Holleeder in dit dossier-Viool niet op te heffen", sloot officier van justitie Lars Stempher zijn verhaal af. De zitting van dinsdag draaide om het verweer van het OM tegen het betoog van de verdediging dat er onvoldoende bewijs voor de betrokkenheid van Holleeder is.

De advocaten van Holleeder kwamen bijna twee weken geleden met het opvallende verzoek om de voorlopige hechtenis in het dossier op te heffen. Mocht de rechtbank meegaan in dit verzoek, zou het er niet voor zorgen dat Holleeder op vrije voeten komt. Wel zou de visie van de verdediging over de moord op Van Hout onderbouwd worden.

Geld

Officier van justitie Sabine Tammes vertelde dat er binnen de criminele 'Hollandse netwerken' inderdaad sprake is geweest van een "interessante" geschiedenis met allerlei conflicten, maar schuift deze terzijde als het om de moord op Van Hout gaat. Holleeder had namelijk een duidelijk motief voor de moord op zijn zwager; zijn geld.

Het is een verhaal dat al vaker naar voren is gebracht in deze zaak. Het ging Holleeder volgens justitie om de aandelen van de panden in Alkmaar die in het bezit waren van zijn zwager. De panden zijn ooit met het verdwenen Heineken-losgeld aangekocht. Dit is meerdere malen door zussen Astrid en Sonja Holleeder naar voren gebracht. Laatstgenoemde was tevens de partner van Van Hout.

Holleeder zou op de avond van de liquidatie al voor de deur van zijn oudste zus hebben gestaan met de vraag waar de aandelen waren. Op de avond van de begrafenis heeft hij volgens Sonja ook een wandeling in het Amsterdamse Bos gemaakt met zijn zussen, waarin hij zei dat de schutters van de moord moeten worden betaald.

Jesse R.

Een van de betrokkenen bij de moord op Van Hout is volgens het OM Jesse R. De crimineel is vorig jaar tot levenslang veroordeeld in het liquidatieproces Passage voor betrokkenheid bij meerdere criminele afrekeningen. Ook werd hij verdacht van betrokkenheid bij de moord op Van Hout, maar het OM kreeg de zaak tegen hem niet rond.

Dat de verdenking tegen hem nooit is verdwenen, bleek dinsdag wel. Kroongetuigen Peter La Serpe en Fred Ros zeggen dat R. in 2002 aan hen heeft gemeld dat hij voor Holleeder werkte. Tegen La Serpe zou hij nog specifieker zijn geweest: "Ik mag Van Hout gaan doen (vermoorden red.)".

Volgens het OM is er een rechtstreeks verband tussen R. en Holleeder en is daarmee zijn betrokkenheid aangetoond.

Advocaat Janssen kreeg de kans om te reageren en vond het erg jammer dat de officieren van justitie niet in wilden gaan op de geschiedenis van conflicten die in hun ogen tot de dood van Van Hout hebben geleid. Een gemiste kans, volgens hem.

Motief

Volgens Tammes is hier een simpele reden voor. "Er is één motief dat naar voren komt in deze zaak en boven alles uittorent: geld". En daar zou Holleeder volgens justitie moord niet voor schuwen.

Holleeder reageerde afsluitend met de woorden dat hij al lang wist dat de panden op de Achterdam verkocht waren en dat hij er nooit achteraan heeft gezeten.

De rechtbank besluit donderdag, voorafgaand aan het getuigenverhoor van Astrid Holleeder, over de voorlopige hechtenis van Holleeder in de zaak-Van Hout.

Lees meer over:
Tip de redactie