'Werkgever moet straks letten op proeftijd'

De nieuwe wet werk en zekerheid, die in 2015 ingaat, brengt voor de werkgever een flink aantal veranderingen met zich mee.

Maaike Roet, jurist bij Randstad, zet tijdens de Week van de Ondernemer een aantal punten om rekening mee te houden op een rij. Een selectie:

Er mag per 1 januari 2015 geen proeftijd meer worden opgenomen in tijdelijke contracten met een duur van maximaal zes maanden. Werkgevers kunnen dit omzeilen door een contract voor zeven maanden te geven of bijvoorbeeld voor maar twee maanden.

Aanzeggen bij einde contract

Voor tijdelijke contracten geldt per 1 januari 2015 dat de werkgever verplicht is om tijdelijke werknemers een maand van tevoren te vertellen dat hun arbeidsovereenkomst eindigt. Als dat niet tijdig gebeurt, kan een boete volgen.

Concurrentiebeding

In tijdelijke arbeidsovereenkomsten mag vanaf begin 2015 geen concurrentiebeding meer worden opgenomen, tenzij sprake is van een zwaarwegend bedrijfsbelang. Het wordt voor werkgevers veel moeilijker een dergelijk beding erdoor te krijgen.

Scholingsverplichting

Werkgevers moeten werknemers in staat stellen scholing te krijgen die noodzakelijk is voor het uitoefenen van de functie. Dat vergroot de inzetbaarheid van de werknemer.

Instemming bij opzegging

Bij het aanbieden van een beëindigingsovereenkomst kan een werknemer die daar in eerste instantie mee akkoord gaat, zich binnen twee weken bedenken. Hij mag deze dan zonder opgaaf van redenen herroepen.

Transitievergoeding

De huidige ontslagroute gaat op de schop. De kantonrechtersformule, die bepaalt hoeveel geld een ontslagen werknemer in sommige gevallen mee krijgt, wordt vervangen door een transitievergoeding, die bijna altijd meegegeven moet worden. Deze bedraagt per saldo ongeveer een derde van de kantonrechtersformule.

Tip de redactie