Zuid-Duitsland wordt als exportbestemming nog niet voldoende benut door Nederland.

Iets meer dan 20 procent van de Nederlandse export richting Duitsland gaat naar het economische sterke Zuiden, zo meldt ING maandag in een rapport dat is gepubliceerd in het kader van de Week van de Ondernemer.

Zuid-Duitsland, waaronder Badem-Württemberg en Beieren vallen, is goed voor bijna een derde van de Duitse economie.

Nederlanders kijken vooral naar Noordrijn-Westfalen. Hier gaat circa 45 procent van de export naartoe. Bijna 40 procent van deze export bestaat uit aardgas, aardolieproducten en cokes (een schone vorm van steenkool), deels gedreven door de staalindustrie in het Roergebied.

Omzet

De omzet van de Duitse maakindustrie is in 2013 gegroeid richting 800 miljard euro. De automotivesector, machinebouw en elektrotechnische industrie kennen samen een omzetaandeel van 44 procent in de Duitse industrie.

“Een buitengewoon grote industriële markt direct naast Nederland”, aldus de ING-economen. Duitsland zal de komende jaren blijven profiteren van snelgroeiende economieën, iets waar Nederland indirect op mee kan liften.

Daarnaast kan Nederland inspringen op de Energiewende, aangezien Duitsland voorop loopt in de overgang naar meer groene en energie-efficiënte producten en processen.

Voor het Nederlands bedrijfsleven liggen vooral kansen op het gebied van wind-op-zee, zonne-energie, energiezuinige machines en energienetwerken.