Door klimaatverandering krijgen we in Nederland op de lange termijn te maken met een forse zeespiegelstijging. Over honderd jaar kan de Randstad de badkuip van Nederland zijn geworden. Wat zijn de gevolgen voor de huizen die daar nu staan?

"Het probleem is groter dan velen van ons denken", zegt Jan Rotmans, hoogleraar transitie op de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Hij publiceerde onlangs het boek 'Omarm de chaos', waarin hij stelt dat de chaos die klimaatverandering veroorzaakt juist kan leiden tot oplossingen.

"De oude oplossingen werken niet meer. Ik zie dat als iets positiefs. Kijkend naar de zeespiegelstijging, de temperatuurstijging en de toenemende hoosbuien zullen we over honderd jaar het water niet meer buiten de deur kunnen houden."

Volgens professor Rotmans kunnen we het water beter toelaten dan er tegen blijven vechten. "Als het land tot 8, 9 of zelfs 10 meter onder zeeniveau komt te liggen, wordt het te duur om ons daar tegen te verzetten. Dat is een probleem. Bedrijven investeren niet meer in ons land, investeerders trekken zich terug. Die gaan niet in een badkuip investeren. Verhuizen is ook geen aantrekkelijk perspectief. Daarom moeten we het water omarmen en op het water gaan bouwen en daarop bewegen."

Ruimte maken voor water in de Randstad

Gijs van den Boomen, directeur en hoofdontwerper van KuiperCompagnons, zet zich in om plannen te realiseren waarbij woningen en wijken zijn voorbereid op de toekomst. "Als onze minister-president zegt dat we één miljoen woningen moeten bouwen, denk ik: laten we dat dan niet op de verkeerde manier doen. Er is wel wat aan de hand. De waterdruk neemt toe. We spreken over twee delen in Nederland: de Randstad en de Kantstad. Dat laatste deel zal 'droog' blijven, maar in de Randstad zullen we ruimte moeten maken."

In het boek 'Omarm de chaos' schetst hoogleraar Jan Rotmans hoe Nederland over honderd jaar volgens hem met het water moet leven.

In het boek 'Omarm de chaos' schetst hoogleraar Jan Rotmans hoe Nederland over honderd jaar volgens hem met het water moet leven.
In het boek 'Omarm de chaos' schetst hoogleraar Jan Rotmans hoe Nederland over honderd jaar volgens hem met het water moet leven.
Foto: KuiperCompagnons

Rotmans: "We moeten keuzes maken. Gaan we polders onder water zetten, gaan we ringdijken bouwen om de steden die we willen behouden?" Van den Boomen: "Mensen die nu in de Randstad wonen, hoeven zich nog geen zorgen te maken. De komende 30 tot 40 jaar kunnen ze rustig gaan slapen."

Worden woningen minder waard?

Makelaar Arjen Noordam is actief in de omgeving Delft en Midden-Delfland. "We zitten in een lager gelegen gebied, maar potentiële kopers vragen er niet naar. De woningen verkeren nog in een goede omstandigheid en misschien is het ook nog een ver-van-hun-bedshow. Er wordt door de waterschappen alles aan gedaan om het hier leefbaar te houden. Ik verwacht dan ook niet dat woningen minder waard zullen worden. Hier wordt het geld verdiend, mensen willen hier wonen omdat er veel werk is en ik verwacht dat dat zal blijven."

Rotmans denkt echter dat huizen die niet zijn aangepast verdwijnen. Die worden gesloopt en opnieuw opgebouwd. Ik verwacht ook dat er Vinex-wijken gesloopt moeten worden omdat ze niet voldoen. Dijken blijven ophogen is niet de oplossing. Dat houd je niet vol. Als we nu een dorp gaan bouwen in de Zuidplaspolder, op bijna zeven meter onder de zeespiegel, moeten we dat toekomstbestendig doen. Dus nu al rekening houdend met de mogelijke situatie over honderd jaar. Dat betekent dan concreet: met het water bouwen, met de natuur (van hout of biomassa) en energiepositief."

Wat voor huizen zijn wel toekomstbestendig? "Denk aan meedein-huizen of meedein-dorpen", stelt Van den Boomen. "Maar onlangs zag ik dat er met vrijwilligers een huis in Midden-Delfland is opgekrikt. Of je kunt een nieuw huis op palen bouwen. Maar we moeten ook de Noordzee inrichten en beschouwen als onderdeel van ons land. Denk aan plannen als luchthaven Schiphol op zee."

Rotmans: "Als er een land is dat dit kan realiseren, is het Nederland. We moeten honderd jaar vooruit durven kijken bij alles wat we bouwen. Als we klassiek blijven bouwen, kunnen we er zeker van zijn dat het over dertig tot veertig jaar alweer gesloopt is."