Voor de één miljoen huizen die politieke partijen graag voor 2030 willen bouwen, is genoeg ruimte in naoorlogse wijken, in verouderde winkelcentra of op de plek van tankstations in steden. Dat meent het bureau KAW, dat onderzoek doet voor woningcorporaties en gemeenten.

Na eerder onderzoek van KAW naar de potentie van naoorlogse wijken (die ruimte bieden aan 600.000 tot 800.000 huizen), blijkt nu dat er nog eens 200.000 woningen binnenstedelijk gebouwd zouden kunnen worden.

Het architecten- en onderzoeksbureau met vestigingen in Rotterdam, Eindhoven en Groningen deed data- en ontwerponderzoek en keek naar verouderde, vaak uitgestrekte winkelcentra met veel parkeerplekken, de transformatie van naoorlogse zorglocaties en tankstations. Onder andere door veranderde milieuwetgeving verdwijnen veel van die tankstations.

Met de uitkomsten werpt KAW een nieuwe blik op de discussie over binnen- of buitenstedelijk bouwen. Met name bouwpartijen pleiten ervoor voornamelijk lege weilanden tot bouwlocaties te maken. In de stad bouwen zou te ingewikkeld zijn en op te veel verzet stuiten. Onder andere het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) is daarom voorstander van nieuwe Vinex-wijken.

Kritiek op volgorde van bouwen binnen of buiten de stad

Ook WoningBouwersNL, een branchevereniging voor projectontwikkelaars en aannemers, denkt dat nieuwbouwprojecten buiten de steden meer kans van slagen hebben. Volgens directeur Coen van Rooyen is het niet zo dat ze niet wíllen bouwen in de stad. "Het gaat om de volgorde. Alle ambtelijke capaciteit nu inzetten op de moeilijkste plekken of eerst de druk van de overspannen woningmarkt halen door aan de randen van de stad verstandige ingrepen te doen."

"Het is asociaal beleid om de bouw alleen op de stad te richten", vervolgt hij. "Het is moeilijker, er zijn meer omgevingsvariabelen, meer potentiële bezwaarmakers enzovoort. Vaak duurt het daardoor simpelweg langer voordat de spade in de grond kan."

Daar is KAW-directeur Reimar von Meding het niet mee eens. Het probleem met bouwen in weilanden is juist dat het zo moeilijk van de grond komt, stelt hij. "De boer wil niet weg, er spelen grote grondbelangen en de overheid moet fors investeren in infrastructuur en aansluitingen. De totale doorlooptijd is gemiddeld bijna twee keer zo lang als die van de herstructurering van een bestaande wijk. Daarom is het zinvoller om te bouwen op plekken waar alles wat nodig is al aanwezig is."

Bouwen in naoorlogse wijken zou ook goed zijn om daar de voorzieningen op peil te houden, meent onderzoeksbureau KAW.

Bouwen in naoorlogse wijken zou ook goed zijn om daar de voorzieningen op peil te houden, meent onderzoeksbureau KAW.
Bouwen in naoorlogse wijken zou ook goed zijn om daar de voorzieningen op peil te houden, meent onderzoeksbureau KAW.
Foto: KAW

Meer voordelen dan alleen een plek om te wonen

Naoorlogse wijken oplappen heeft volgens Von Meding veel meer voordelen. Het zou op termijn zorgen voor meer voorzieningen, die in deze stadswijken ook al jaren onder druk staan of verdwijnen. "Denk hierbij aan scholen die de laatste jaren worden samengevoegd, bibliotheken die sluiten en ov-lijnen die dreigen te verdwijnen vanwege verminderd gebruik."

KAW heeft de geschiktste wijkwinkelcentra in naoorlogse buurten onderzocht. De conclusie: de transformatie van winkelcentra biedt ruimte aan in totaal 86.000 nieuwe woningen en meer, betere en passendere voorzieningen. Aangezien auto's vaker op elektriciteit rijden, zijn er minder tankstations nodig. Ook de veiligheidszones rondom benzinepompen - in verband met gevaarlijke stoffen - komen dan vrij. Dit kan resulteren in nog eens 88.000 nieuwe woningen. En aangezien verzorgingstehuizen moeten worden vernieuwd, is ook daar ruimte voor nog eens 26.000 woningen.

Volgens KAW is het belangrijk dat gemeenten op een andere manier durven denken over de ruim opgezette naoorlogse wijken, die vaak aan de randen van de stad liggen. Een van de oplossingen uit de ontwerpen die de architecten hebben gemaakt: 'chirurgisch bijbouwen' op blinde hoeken van bestaande gebouwen. Dat kan bij garageboxen, op lege parkeerterreinen, in of boven lege winkels of in de bosjes die in de ogen van KAW weinig toevoegen aan de kwaliteit van de leefomgeving. "Uit voorbeeldprojecten blijkt dat de groenstructuur zelfs verbeterd kan worden met zo'n operatie met meer aandacht voor biodiversiteit en klimaatbestendigheid", aldus Von Meding.