Twee op de vijf van de Nederlanders in een huurwoning zouden graag willen verhuizen, maar hebben daar niet het geld voor. Dit blijkt uit onderzoek van Kadasterdata.nl onder meer dan duizend respondenten in een huurwoning, uitgevoerd door Panelwizard.

Vooral particuliere huurders zitten noodgedwongen vast in hun huidige woning. Zo wil maar liefst 45 procent van hen verhuizen. Onder huurders in de sociale sector is dat 35 procent. Ook bewoners van een studentenkamer willen in veel gevallen ergens anders wonen: 41 procent van de geënquêteerden zegt te willen verhuizen.

"De krankzinnige markt voor koophuizen heeft duidelijke gevolgen voor huurders", zegt Peter Abrahamse van Kadasterdata.nl. "Zo kunnen veel particuliere huurders niet de gewenste stap richting een koophuis maken en toveren gemeenten sociale huurpanden om tot woningen voor de vrije sector. Op die manier zitten steeds meer Nederlanders vast in hun huidige woonsituatie, wat in sommige schrijnende gevallen dus zelfs een studentenkamer is."

Hoge maandlasten spelen belangrijke rol

Dat veel huurders ontevreden zijn, is een bekend fenomeen, zegt Stefan Groot, econoom en specialist woningmarkt bij de Rabobank. "Huurders zijn minder tevreden met hun woonsituatie dan eigenaar-bewoners", stelt hij. "Dat heeft voor een groot gedeelte met de maandlasten te maken, die een stuk hoger zijn dan die van eigenaar-bewoners." Groot verwijst daarmee naar een onderzoek van De Nederlandsche Bank van eerder dit jaar waaruit blijkt dat fiscale voordelen voor kopers de kloof met huurders vergroot.

Huurders zijn met name na dertig jaar veel duurder uit dan kopers.

Huurders zijn met name na dertig jaar veel duurder uit dan kopers.
Huurders zijn met name na dertig jaar veel duurder uit dan kopers.
Foto: DNB

De hoge prijzen voor koopwoningen maakt het steeds moeilijker om de overstap van huur naar koop te maken, benadrukt Groot. "Dat benadrukt dat gevoel van gevangen zitten."

Slechts 22 procent van de ondervraagden zoekt actief een andere woning. Volgens Kadasterdata komt dat doordat de bewoners het vertrouwen al hebben opgegeven dat ze iets geschikts vinden. Op dit moment zijn Nederlanders met een (studenten)kamer meer op zoek naar een beter alternatief (36 procent) dan particuliere huurders (29 procent) en huurders in de sociale sector (19 procent).

"Waar het eerder met name in de Randstad ondoenbaar was om een geschikte koop- of huurwoning te vinden, beweegt dat probleem zich sinds de coronacrisis steeds meer naar kleinere steden en dorpen", aldus Abrahamse. "Even naar een andere woonplaats verhuizen is dus ook makkelijker gezegd dan gedaan, nog even losstaand van de financiële uitdaging die daarbij komt kijken."

Het Nibud, de Woonbond en koepel voor woningcorporaties Aedes namen het eerder dit jaar op voor huurders die het financieel lastig hebben. Volgens de organisaties moet het besteedbaar inkomen voor bepaalde doelgroepen omhoog, zodat ze makkelijker het hoofd boven water kunnen houden.