Meer dan een miljoen huishoudens hebben al zonnepanelen op hun dak en dat aantal verdubbelt in de komende vijf jaar, zo is de verwachting. De snelle groei werpt de vraag op wat er moet gebeuren met al die panelen na hun levensduur. Inzameling wordt sinds kort beter georganiseerd in Nederland, maar er bestaat bijvoorbeeld nog geen verwijderingsbijdrage voor consumenten.

Het kostte dertig jaar voordat in 2020 de mijlpaal van een miljoen huizen met zonnepanelen werd bereikt, maar nu gaat het hard. Sungevity, een van de grootste aanbieders in Nederland, gaat er in een nieuw rapport van uit dat in 2025 al meer dan twee miljoen huizen oftewel een kwart van de woningvoorraad zonnepanelen hebben.

Ook lector energietransitie Martien Visser van de Hanzehogeschool Groningen denkt dat de exponentiële groei die is ingezet doorgaat. Een fors aandeel gaat komen van woningcorporaties die voor hun huurders massaal in zonnepanelen investeren. Over drie jaar is het aantal sociale huurwoningen met panelen verdubbeld naar 500.000, verwacht Sungevity. Al gaat het mogelijk minder snel als de salderingsregeling vanaf 2023 wordt afgebouwd, zegt een woordvoerder van de overkoepelende organisatie Aedes tegen NU.nl.

Afvalprobleem ontstaat pas over 25 jaar, maar verlangt nu al aandacht

Dankzij de stormachtige groei neemt ook het toekomstige afvalprobleem van zonnestroom toe. In 2050 zijn afgedankte panelen goed voor 10 procent van de mondiale stroom elektronisch afval, verwacht het International Renewable Energy Agency (IRENA). "Het is belangrijk dat de duurzame initiatieven van nu over 25 of 30 jaar geen problemen veroorzaken. De snelle groei in combinatie met de mogelijkheden om panelen volledig te recyclen, maken dat we er nu scherp op moeten zijn", zegt Roebyem Anders, oprichter van Sungevity en een van de Nederlandse pioniers.

Oude panelen kunnen voor 90 procent gerecycled worden. Volgens Anders ontstaat er echter een kink in de kabel. "Recycling is commercieel nog niet interessant omdat de afvalstroom nog te klein is, terwijl teruggewonnen materialen weinig opleveren. Wij pleiten daarom voor een verplichte verwijderingsbijdrage per zonnepaneel, zodat gespaard en geïnvesteerd kan worden in goede recyclingfaciliteiten voor de toekomst. In België bestaat dat al en zetten we die gewoon op de factuur voor consumenten. Het gaat om 2 euro per zonnepaneel."

In Nederland zijn importeurs verantwoordelijk voor recycling, maar is er maar een klein spaarpotje. "Een onwerkbaar systeem omdat de recyclingkosten in de toekomst sterk toenemen", zegt Roebyem Anders. "Er is dus een enorme prikkel om onder die verantwoordelijkheid uit te komen."

Stichting opgericht om inzameling beter te organiseren

Het afgelopen jaar is er ook in de politiek aandacht geweest voor het probleem. Na Kamervragen van GroenLinks is het sinds deze maand voor importeurs verplicht geworden zich aan te sluiten bij Stichting OPEN, dat verantwoordelijk is voor de inzameling en recycling van elektrische producten.

Volgens Anders is het een goede eerste stap. "Wat je uiteindelijk zou willen is dat er ook aandacht komt voor recycling in de productiefase. Over het algemeen zijn de materialen glas, aluminium en silicium goed te recyclen, maar er is nog weinig aandacht voor de voetafdruk bij de productie én de manier waarop materialen van elkaar te scheiden zijn."

Overigens zijn er wel keurmerken voor zonnepanelen en bestaat er, voor de consument die het belangrijk vindt, een zogenoemde scorekaart waarop wordt bijgehouden hoe duurzaam en verantwoord verschillende merken zonnepanelen worden geproduceerd.

Aanvulling: er zijn in Nederland plannen om een recyclingfabriek te bouwen.