Eigenlijk wilde ze het liefst een 'hobbithuis', maar dat zagen de aannemer én de puberdochter van Miriam van Dijk uit Paterswolde niet zitten. Het werd houtskeletbouw met een dik pak natuurlijke isolatie: goed voor de publieksprijs in de verkiezing tot Duurzaamste Huis van Nederland. "De aannemer bouwt inmiddels meer van dit soort huizen. Het is gewoon fijn wonen. Knus."

"Met duurzame oplossingen kun je het luxeniveau dat je gewend bent prima handhaven", vindt Van Dijk. "Het is vooral een kwestie van gezond verstand."

Behalve dat gezonde verstand zette ze ook haar "enorme eigenwijsheid" in om, samen met een bevriende aannemer en diens voorkeursarchitect, tot een duurzaam ontwerp te komen. "Ik ben al dertig jaar bezig met het milieu", vertelt ze. "Als je nieuwsgierig bent en verantwoordelijkheidsgevoel hebt, laat dat onderwerp je niet meer los."

'Passieve oplossingen'

Van Dijks nieuwe huis moest dus in elk geval volledig elektrisch zijn. "Ik ben nog niet helemaal zelfvoorzienend", bekent ze. "Ik betaal nu nog 70 euro per maand, maar we krijgen straks nog geld terug. Dan zitten we maandelijks rond de 25 euro aan elektriciteit, verwacht ik. Gas gebruiken we niet."

Om dit resultaat te bereiken, zocht ze zoveel mogelijk naar "passieve oplossingen". Dat wil zeggen: optimaal isoleren en alleen verlichten en verwarmen waar het echt nodig is.

Dat leidde tot een ontwerp waarin het dak en de vloer voorzien zijn van "een enorme isolatielaag" van natuurlijke materialen als vlas, kurk en wol. Op het zuiden een glazen schuifpui; de 'de natte cellen' (toilet, badkamer) op het noorden. Van Dijk: "Het voelt buitengewoon goed om in het noorden goed ingepakt te zitten. En op het zuiden vangen we ieder straaltje zon op."

Verwarming komt van infraroodpanelen. "Infrarood verwarmt heel direct. In de winter zet ik de panelen weleens uit en de schuifpui open. De ruimte is heel snel verwarmd als de zon schijnt, dus dan gaat er weinig warmte verloren en kan ik binnen van de zon genieten."

Het huis van Miriam van Dijk met een enorme isolatielaag (Foto: Miriam van Dijk)

Geen warmtepomp, maar infrarood

De keuze voor infrarood als enige verwarmingsbron is een voorbeeld van haar "eigenwijze" keuzes. Veel mensen combineren zulke panelen met vloerverwarming of een warmtepomp. Voor dat laatste koos Van Dijk "met veel overtuiging" niet.

“Ik ben geen voorstander van warmtepompen waarvoor een put geslagen moet worden. We kennen de gevolgen daarvan niet.”
Miriam van Dijk

"Ik ben geen voorstander van warmtepompen waarvoor een put geslagen moet worden. We zitten hier op de rand van het gebied dat door gaswinning instabiel is geworden. Maar nu gaan we, zonder precies te weten wat de gevolgen zijn, ineens allemaal in de diepere ondergrond boren voor 'duurzame energie'."

Onder de eettafel, waar de stralingswarmte van de infraroodpanelen niet kan doordringen, heeft ze een infraroodmat onder het vloerkleed. "Zo krijg je toch lekker warme voeten. Vaak kan daardoor het plafondpaneel wel weer wat lager." Aan het plafond in de slaapkamer hangt, behalve een infraroodpaneel, ook een ventilator. "Voor koelte in de zomer. En het houdt de muggen op afstand. Dat kan geen kwaad; we wonen pal aan het water."

Infraroodsauna in plaats van een bad

Een andere opmerkelijke keuze is die voor een infraroodsauna in plaats van een bad. "Zoet water wordt schaarser, terwijl ik het grootste deel van mijn eigen elektriciteit opwek met zonnepanelen", verklaart Van Dijk deze keuze. "Zo kan je je toch lekker koesteren in de warmte. En het is nog levensloopbestendig ook, want een saunacabine stap je zo in."

Alles bij elkaar kostte het huis van Van Dijk tussen de 2 en 2,5 ton. "Dat is exclusief de grond. Maar álles op maat gemaakt."

Ze laat het graag en vaak zien aan belangstellenden - aan bijvoorbeeld voorbijgangers die haar huis herkennen van de website van de Nationale Duurzame Huizenroute, en deze maand ook via de online editie van Nationale Duurzame Huizenroute.

"Mensen kunnen zich aanmelden om online rond te kijken en vragen te stellen. Maar eerlijk gezegd kan ik niet wachten tot alles weer gewoon 'live' kan. Veel leuker."