Vogels trekken zich niks aan van het coronavirus. Ze fluiten juist uit volle borst en zijn begonnen met broeden. Nu veel mensen thuis en in de tuin zitten, is het een mooie kans om de vogels eens wat beter te bekijken. En wat kunnen we doen om ze een handje te helpen?

Het broedseizoen is net begonnen en loopt ongeveer van half april tot half juni, vertelt Christiaan Both, onderzoeker op het gebied van ornithologie (vogelkunde) en ecologie bij Rijksuniversiteit Groningen.

De meest voorkomende soorten in de tuin zijn de merel, koolmees, pimpelmees en de huismus, zegt de vogelexpert. Merels kunnen nu al jongen hebben; ze broeden wel drie tot vier keer per jaar, in heggen en struiken. De mezen nestelen in een nestkastje en zijn deze week begonnen met broeden. "De huismus broedt onder de dakpannen, ik hoorde dat er al een paar zijn uitgevlogen."

Insecten aantrekken als vogelvoer

Wie nu nog een nestkastje wil ophangen is dus een beetje laat, zegt Both. "Maar het kan altijd. Wat je in ieder geval wel kunt doen voor de vogels, is je tuin natuurvriendelijk maken." Hoe meer bloemen en planten, hoe meer insecten - voedsel voor de pasgeboren vogels.

“Voor de roodborstjes strooi ik havermout, dat vinden ze lekker.”
Agnes Bakker, IVN Natuureducatie

Wie meer vogels in zijn tuin wil, kan dus beter de tegels lichten dan alleen een nestkastje ophangen. "Plant bijvoorbeeld ook struiken, zodat vogels daarin kunnen gaan nestelen. Dan komen ze wel."

Zelfs brandnetels laten staan

Een tuin waar vogels graag komen, is vooral een ander soort tuin dan de keurig nette Nederlandse, zegt Agnes Bakker van IVN Natuureducatie. Zelf heeft ze haar kleine stadstuin helemaal op de natuur ingericht. Al drie jaar nestelen er huismussen op het dak, merels in de klimop en mezen in de nestkastjes.

"Toen ik hier kwam wonen, lagen er alleen maar tegels in mijn tuin. Nu is het wild, ik laat alles groeien. Brandnetels, bijvoorbeeld, daar komen sommige vlinders op af die er eitjes op leggen. De rupsen die daaruit kruipen zijn weer voer voor vogels."

“Ik heb veren, schapenwol, mos en droge takjes in een bollenhanger gepropt.”
Agnes Bakker, IVN Natuureducatie

Verder legt Bakker voer op voederplanken voor de jonge ouders. "Zo hebben zij makkelijk te eten en kunnen ze de insecten aan hun jongeren voeren. Ik leg er zaden, brood, appels en meelwormen neer. Voor de roodborstjes strooi ik havermout, dat vinden ze lekker."

Wol voor de nestjes

Vorige week heeft Bakker ook nestmateriaal opgehangen voor de vogels - dat gretig aftrek vindt. "Ik heb veren, schapenwol, mos en droge takjes in een bollenhanger gepropt. Je kunt het ook goed in een garde stoppen en die ophangen."

Nestmateriaal aanbieden is leuk, maar volgens Both is het beter om je tuin standaard rommelig te laten. "Dan vinden vogels vanzelf nestmateriaal. Schraap bijvoorbeeld dus niet het mos tussen je tegels weg."

“Door de vele katten kan de bebouwde omgeving een gevaarlijk gebied zijn voor vogels.”
Christiaan Both, onderzoeker Rijksuniversiteit Groningen

Ook zou het volgens hem schelen als katteneigenaren hun katten wat meer binnen zouden houden in het broedseizoen. "Door de vele katten kan de bebouwde omgeving een gevaarlijk gebied zijn voor vogels."

Voor wie geen tuin heeft, tipt Both een website van de Vogelbescherming, waar je live mee kunt kijken in nestkastjes. "Zo krijg je toch nog een beeld van wat er nu gebeurt in de natuur."