Een bouwval was het in 1988, maar daar lieten Nella van den Berg en Aart de Vink zich niet door uit het veld slaan. Zeven jaar staken ze al hun vrije uren in de renovatie van het voormalige stationsgebouw in Aalsmeer. "We hebben alles precies aangepakt zoals we wilden."

Van den Berg en De Vink woonden allebei nog in hun ouderlijk huis toen ze op een advertentie in de krant stuitten. Voormalig station Aalsmeer-Oost moest de plek worden waar het koppel een gezin kon stichten, ook al was het leegstaande gebouw vernield door krakers en hangjongeren. Het werd een passieproject waar ze nu nog steeds de vruchten van plukken.

"Vanuit mijn familie is er altijd affiniteit met treinen geweest", vertelt De Vink. "Mijn opa werkte voor de HSM (de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij, red.) en woonde in Aalsmeer bij een wachtersgebouwtje. Ik ben met diezelfde interesse opgegroeid en we geven het ook graag weer door aan onze zoons. We maakten bijvoorbeeld ritjes met oude stoomlocomotieven in Nederland. En vorig jaar hebben we bijna alle treinattracties in Zwitserland bekeken."

Bij de grote verbouwing was het dus ook belangrijk dat het oude gevoel van het haltegebouw weer terug zou keren. Op de voorgevel prijkt nu een speciaal nagemaakt stationsbord met de naam Oosteinde, zoals de treinhalte tot 1930 werd genoemd. De voormalige wachtruimte wordt tegenwoordig gebruikt als woonkamer, waar onder meer een salontafel staat die van treinbielzen is gemaakt.

Een foto uit 1988 laat nog goed zien hoe de vervallen woning werd opgeleverd. (Foto: NU.nl/Fabian Melchers)

Oud kaartjesloket weggehaald voor doorloop

De Vink trekt achter een van de zitbanken een gordijn open, om de oude toegangsdeuren te laten zien. "We hebben ze helemaal gerenoveerd en er dubbelglas in gezet", vertelt de bewoner, die de kamer van vloer tot plafond opnieuw isoleerde. "De deuren slaan naar binnen open, dus we willen de kamerindeling binnenkort omgooien zodat we ze weer kunnen gebruiken."

Een gipsmuur met kaartjesloket werd uit de oude wachtruimte gesloopt, zodat de woonkamer nu direct doorloopt in het oorspronkelijke leefgedeelte van de stationschef. Tegenwoordig zitten daar een eetkamer, moderne keuken en een voormalig kantoortje dat nu als televisiekamer wordt gebruikt.

Het meest opzienbarende gedeelte van de gerenoveerde woning is echter in de kelder te vinden. De oorspronkelijke ruimte is daar meer dan verdubbeld. Dankzij graafwerk loopt er een complex met drie slaapkamers onder de volledige lengte van het huis. De kelder aan de overzijde, een oude opslag voor kolen en aardappels, is nu een ruime badkamer geworden.

De oude wachtruimte van het station wordt tegenwoordig gebruikt als woonkamer. (Foto: NU.nl/Fabian Melchers)

Aanleg keldercomplex in overleg met architect

"Bij de bouw van een huis werd vroeger een heel diep gat gegraven, onder de grondwaterlijn", legt De Vink uit. "Die fundering stortten ze vol met zand en daar bouwden ze het huis op. Al dat zand hebben we weggegraven en vervangen door een betonnen kuip."

"Dat ging wel in overleg met een architect", gaat de bewoner verder. "We moesten goed uitrekenen hoeveel beton er nodig was met de opwaartse druk van het grondwater. Anders verandert je huis in een woonark."

De bestaande boogconstructies van de fundering kregen bij de verbouwing een extra accent. "We zochten ouderwets uitziende steentjes om de bogen te bekleden", vertelt De Vink. "Om het idee van een oude kelder weer terug te halen."

Graafwerk zorgde ervoor dat Aart de Vink en Nella van den Berg hun woonruimte flink konden vergroten. (Foto: Fabian Melchers)

Twintig jaar verbouwen voor 2,5 ton

"Twintig jaar lang hebben we ons eigen geld in de verbouwingen gestoken", vertelt De Vink. "Op subsidies maakten we bij de gemeente geen aanspraak. Gelukkig hebben we allebei een eigen carrière. Maar we moesten het wel in fases aanpakken om het financiële plaatje rond te krijgen. Het bijgebouw, waar nu mijn fietsenzaak in zit, hebben we pas in 2008 onder handen genomen."

"In totaal hebben alle verbouwingen 2,5 ton gekost", vertelt De Vink. "Er duiken nog steeds weleens wat nieuwe dingetjes op. Maar we wonen hier heel fijn, dus ook na ons pensioen hopen we hier nog wel een tijdje rond te kunnen wandelen."