Een veganistische bank, een diervrij matras en verf zonder dierenbotten: niet alleen je bord, maar ook je huis kun je vegan maken. Want een sojaburger eten op je leren bank, onder een wollen dekentje: dat kan anders.

Een veganistische levensstijl is niet meer zo bijzonder: in de supermarkten duikt het ene plantaardige alternatief na het andere op, en in Europa geldt inmiddels een verbod op het gebruiken van proefdieren voor cosmetica.

Zo vreemd is het dus niet dat grote ketens als IKEA en H&M Home zijn begonnen met het ontwikkelen van veganistische meubels en producten.

Hoe een meubelstuk dierlijk is? Een leren bank is gemaakt van koeienhuid, een wollen vachtje komt van een schaap dat soms met geweld wordt geschoren en zijderupsen spinnen onze zijde. Verf op de muur is vaak op dieren getest of bevat dierlijk eiwit of botten, en kaarsen zijn gemaakt van bijenwas. Veganistisch leven betekent keuzes maken, en de opties worden talrijker.

Deze dierlijke producten heb je (waarschijnlijk) in jouw interieur

  • In veel kaarsen zit bijenwas, gemaakt door bijen. Die kun je vervangen door sojakaarsen of kaarsen van koolzaadwas.
  • Veel verf is niet veganistisch. In donkere verf zit vaak beenderzwart. Dat is een pigment dat wordt gewonnen uit verkoolde botten. En de rode kleur wordt gemaakt van de cochenilleschildluis. De Nederlandse verffabrikant Fairf maakt veganistische verf.
  • In matrassen, dekbedden en kussens zit ganzen- of eendendons.
  • Schapenwol zit in dekens, plaids, meubels, poefjes, gordijnen en vloerbedekking.
  • Opgezette vlinders onder een stolp zijn niet natuurlijk gestorven, maar worden voor dat doel gekweekt, en ook hertenkoppen en everzwijnhoofden aan de muur zijn voor dat doel gestorven.
  • Op mooie doosjes, een windgong, op fotolijstjes en zelfs in verf zit parelmoer. Deze schelpen komen vaak van schelpenfarms, waar de dieren worden gekweekt voor hun schelp.
  • Een meubelstuk te pakken zonder wol of leer? Vraag na waar de lijm waarmee het meubel aan elkaar gelijmd is van gemaakt is. Veel fabrikanten gebruiken beenderlijm, gemaakt van dierenbotten.
  • Zijden gordijnen of lakens kun je vervangen door stoffen van triacetaat, een vezel op basis van houtpulp.

Prijs voor palmleer

Dierenrechtenorganisatie PETA geeft de makers van vegan meubels en interieurstyling wat extra aandacht om het balletje voor een vegan interieur te laten rollen: de organisatie reikte dit jaar de Vegan Homeware Awards uit voor de beste veganistische producten voor in huis.

Interieurzaak Hetty&Sam maakte het beste kussen. In plaats van met veren, zit het kussen vol met microfibers, gemaakt van polyester en polyamide. Een diervrij kussen dus, hoewel microfiber niet wordt afgebroken en vaak in zee belandt, waar het schade aanricht aan het leven in de zee. Het kussen niet in de wasmachine wassen, zorgt ervoor dat de microfibers niet in de natuur terechtkomen.

H&M maakte het beste wolvrije vloerkleed, gemaakt van gerecycled katoen, en de Nederlandse ontwerper Tjeerd Veenhoven ontwierp veganistisch leer dat is gemaakt van palmbladeren.

Vegan kruk, gemaakt van Dode Zee-kristallen. Gemaakt door de Israëlische designer Erez Nevi Pana. (Foto: PETA)

Diervrij slapen

De slaapkamer diervrij maken, kan door het ganzen- of eendendons te vervangen door materialen van plastic petflessen. De Fine Bedding Company maakte volgens de dierenrechtenorganisatie het beste diervrije beddengoed, met "de sensatie van ganzendons zonder de wreedheid van het veren plukken".

Martha Visser is zo'n veganist die ook haar huis diervrij heeft gemaakt. Haar motto: veganize your interior. Ze werkt aan het opzetten van een veganistisch warenhuis in Den Haag, een soort Bijenkorf, maar dan alles diervrij, vertelt ze.

"Als je begint met veganistisch eten, zullen dierlijke producten je steeds meer tegenstaan. Dieren zitten ook in de meest onmogelijke producten: in kaarsen, in verf, in schoonmaakproducten en in lijm."

Doe eerst je huiden weg

Hoe je begint met het veganizen van je interieur? Begin simpel en doe eerst je dierlijke huiden weg, zegt Visser. "Gooi ze niet weg, en voel je ook niet schuldig dat je ze had. Als je zulke huiden naar een weggeefwinkel of kringloopwinkel brengt, voorkom je dat mensen die ze wel mooi vinden weer een nieuwe aanschaffen. Het dier heeft zich nu al opgeofferd."

“Een schaap met een goed leven wordt toch voor ons nut en plezier gehouden.”
Martha Visser

Visser maakt geen concessies: een Texels schaap dat een heerlijk leventje heeft gehad en zacht wordt geschoren, wordt gehouden voor ons nut en plezier, en daar zijn dieren niet voor.

Een schaap scheren gebeurt niet altijd zachtzinnig. De huid om de staart heen wordt weggesneden om poep en vliegen in de wol te voorkomen. Dat heet mulesing en gebeurt op grote schaal bij merinoschapen in Australië, waar 80 procent van de merinowol vandaan komt. Producenten van wol met het GOTS-keurmerk (Global Organic Textile Standard) beloven de schapen niet te mishandelen tijdens het scheren en ze een een dierwaardig leven te bieden.

Durf in winkels te vragen naar veganistische alternatieven, zegt Visser. "Mijn persoonlijke veganstandpunt is dat alles wat van een dier geoogst is en economische marktwaarde heeft not done is."