In totaal 1,79 miljoen inwoners van Nederland zijn in 2018 verhuisd. Dat zijn er 5 procent minder dan in 2017, blijkt dinsdag uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Hiermee is een eind gekomen aan de opwaartse trend sinds 2014.

Volgens het CBS is de toenemende krapte op de woningmarkt een reden voor de daling. Ook denkt het statistiekbureau dat gezinnen die tijdens de crisis in 2008 geen huis konden kopen dat in de jaren erna wel hebben gedaan, waardoor er binnen deze groep vorig jaar minder verhuizingen voorkwamen.

In 2018 zijn er minder woningen verkocht en trokken minder mensen weg vanuit asielzoekerscentra. Deze veranderingen zorgden ook voor de eerste daling in jaren.

Ondanks de daling verhuisden er nog relatief veel mensen. Alleen in 2016 en 2017 wisselden meer mensen van woning. Vooral de groep 65-plussers is actief op de woningmarkt. Dit is de enige groep die een stijgende lijn vertoont.

Relatief veel jongeren tussen twintig en dertig verhuizen

De grootste groep die verkast, zijn jongeren van tussen de twintig en dertig. In deze levensfase gaan veel mensen op zichzelf wonen, samenwonen of een woning kopen.

In 2018 wisselden 24-jarigen het meest van woning, in totaal 65.000 keer. De gemiddelde leeftijd van jongeren die uit huis gaan was 23,5 jaar in 2017, meldt het CBS.

Minder verhuizende gezinnen

Uit de cijfers van het CBS blijkt dat vorig jaar minder getrouwde stellen met kinderen en ongetrouwde mensen zonder kinderen zijn verhuisd dan in 2017.

De daling komt voor beide groepen neer op ongeveer 7 procent.