Twintigers en een groep hoogbejaarden die in Utrecht een flat deelden, sloten in de afgelopen twee jaar een diepe vriendschap. Toen het woonproject eindigde, leidde dat deze week zelfs tot een manifest voor de overheid, met als boodschap: luister beter naar ouderen.

Het zorgcomplex in Tuindorp raakte leger en leger, en om er geen 'sterfhuis' van te maken, verhuurde zorginstelling Careyn de lege kamers aan jongeren, vertelt oud-bewoner Wouter Smink.

Hij woonde ruim twee jaar in de zorginstelling en raakte net als de andere jongeren goed bevriend met de oudere bewoners. Na twee jaar waren zij vooral onthutst over de kwaliteit van de ouderenzorg. Ze stelden een manifest op.

"Wij hebben veel wisselingen in bestuurslagen meegemaakt en verbazen ons over de hoeveelheid vormen van bestuur. Dit komt de kwaliteit van leven en zorg niet ten goede. Niemand wil zo oud worden", schrijven ze.

Na twee jaar moesten ze er allemaal uit van zorgorganisatie Careyn, jong en oud. "We voelden ons uit elkaar gescheurd", zegt Smink. "Er zit 75 jaar verschil tussen mij en mijn buurvrouw, mevrouw Piël. Bijzonder toch, dat wij echt vriendschap hebben gesloten? Samen naar het tuincentrum, even koffie drinken, zelfs een keer een brandje in haar kamer blussen: heel gezellig."

Er is beweging gaande: nu volume maken

Waar het project in Utrecht en het manifest aan bijdragen, zegt Daniëlle Harkes van voormalig woon-zorgkenniscentrum Aedes-Actiz, is dat opnieuw duidelijk gemaakt is dat de zorgsector de problemen in de ouderenzorg niet alleen kan oplossen.

"Dit project in Utrecht verhuurde leegstaande kamers aan jongeren in een bestaand zorgcomplex. Er zijn ook steeds meer voorbeelden van woongemeenschappen waarbij jong en oud samenleven, maar wel met meer privacy."

"Dat komt meestal voort vanuit een burgerinitiatief, en die financiering is lastig rond te krijgen. Banken reageren vaak afwijzend, omdat het een nieuw concept is", zegt Harkes. "Dat geeft niet, want er is in ieder geval beweging gaande. Er zijn steeds nieuwe initiatieven nodig, meer jonge mensen buiten de zorgsector die meedenken. Nu is het zaak dat we volume gaan maken."

Het televisieprogramma Zembla wijdde deze week een uitzending aan het project in Tuindorp en hield een enquete in samenwerking met ouderenbond ANBO. Als ouderen op zoek gaan naar een woning, zou 51,9 procent overwegen om samen te gaan wonen met studenten, blijkt daaruit.

'Jonge mensen hebben soms nog een oma, en dat is alles'

Dat intergenerationele projecten alleen maar win-winsituaties opleveren, daar is Harkes van overtuigd.

"De werelden van jong en oud zijn erg gescheiden. Jonge mensen hebben soms ergens nog een oma wonen, maar verder ontmoeten deze groepen elkaar niet. Het aantal ouderen neemt toe, het aantal alleenstaanden neemt toe in alle leeftijdsgroepen. We hebben elkaar nodig."

Woon-zorginstelling Humanitas in Deventer was de voorloper van het intergenerationeel wonen vertelt directeur Gea Sijpkes. "We moesten in 2012 een transitie door omdat de traditionele tehuizen verdwijnen. Toen hebben wij dit project met woonstudenten verzonnen. Het is echt een heel leuke manier om een rijke en warme omgeving te creëren."

In het begin was het zoeken naar jonge studenten, inmiddels melden ze zich zelf aan. "Het is gezellig, en studenten voelen zich er veilig. Het gaat niet om doelgroepen bij elkaar zetten, maar mensen bij elkaar zetten, en daar is gewoon behoefte aan."

“De jongeren worden gezien als huisdier, of een soort kleinkind.”
Gea Sijpkes, directeur Humanitas

In het complex in Deventer wonen zo'n 150 ouderen, en op elke verdieping woont één student. Ze worden door sommige bewoners als een soort huisdier of een vervangend kleinkind gezien, zegt directeur Sijpkes.

"Je kunt alleen interesse in elkaar hebben en elkaar aardig vinden als je elkaar regelmatig ontmoet. De regel is dus dat er elke dag één ontmoeting plaatsvindt. En elke avond organiseert een van de studenten de broodmaaltijd per afdeling."

Een glimlach per dag

Een glimlach per dag was de bedoeling, zegt Sijpkes, en dat is gelukt. "Anneloes, een van de studenten, lakt veel nagels, de jongens kijken graag samen voetbal met de mannen en met Pasen wordt er bijvoorbeeld samen ontbeten. Je breekt echt de muren tussen doelgroepen af."

Er is reden voor optimisme over dit soort woonleefgemeenschappen, zegt Harkes van Aedes-Actiz. Zo start het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in april van dit jaar een subsidieregeling voor gemixte woongemeenschappen, waardoor banken een minder grote lening kunnen verstrekken voor deze burgerinitiatieven.

Dat zal zeker wat opbrengen, zegt Harkes. "Ouderen zijn ook gewoon mensen. Natuurlijk zit niet iedereen erop te wachten. In ieder geval zijn we op weg anders naar ouderen te kijken: weggezet worden van de maatschappij zodra je hulp nodig heb, kan niet."