De prijzen van koopwoningen lagen in 2018 boven het recordniveau van 2008, blijkt vrijdag uit gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Kadaster. Koopwoningen werden in 2018 gemiddeld zo'n 9 procent duurder, schrijft het CBS.

Het aantal verkochte woningen bedroeg in 2018 ruim 218.000. Dat is een daling van een kleine 10 procent ten opzichte van 2017, maar wel het op een na hoogste aantal verkopen ooit.

Eerder zijn al cijfers over december gepubliceerd. In die maand stegen de huizenprijzen met 8,4 procent ten opzichte van een jaar eerder. In oktober en november kwamen de stijgingen neer op respectievelijk 9 procent en 9,5 procent.

Sinds 2013 weer sprake van stijgende woningprijzen

Na een piek in augustus 2008 daalden de prijzen van koopwoningen en in juni 2013 werd een dieptepunt bereikt. Sindsdien is er sprake van een stijgende trend.

Vergeleken met het dieptepunt in juni 2013 lagen de prijzen in december 2018 ruim 33 procent hoger. Ten opzichte van de vorige piek in augustus 2008 waren de koophuizen in december bijna 5 procent duurder.

Grootste stijging in Flevoland, Noord- en Zuid-Holland

De woningen in Flevoland, Noord-Holland en Zuid-Holland lieten de grootste prijsstijgingen zien. Het ging om stijgingen boven de 10 procent vergeleken met een jaar eerder. In Zeeland werd de kleinste toename in woningwaarde geregistreerd (6 procent).

Op het niveau van steden lagen Rotterdam en Utrecht aan kop, met huizen die respectievelijk 13 en 11 procent duurder werden. Het prijskaartje dat aan een woning hangt, was het hoogst in Amsterdam. Een gemiddelde koopwoning in de hoofdstad kostte vorig jaar 466.000 euro.