Tweedejaars studenten gaan steeds minder vaak op kamers wonen. Zij kunnen door het leenstelsel geen eigen woonruimte meer betalen. De treinen dreigen nog drukker te worden.

Kences, het kenniscentrum voor studentenhuisvesting, heeft cijfers in de Volkskrant bevestigd. De organisatie doet jaarlijks onderzoek naar de woningsituatie van Nederlandse studenten.

"Op kamer gaan wordt minder vanzelfsprekend", stelt directeur Ardin Mourik van Kences in de krant. "Dat komt door het leenstelsel." Meer dan de helft van de voor het onderzoek ondervraagde studenten meldde vanwege het leenstelsel nog bij hun ouders of verzorgers in huis te wonen.

Sinds september 2015 krijgen studenten geen basisbeurs meer van de overheid als ze gaan studeren. Wel kunnen ze geld lenen van de overheid. "We moeten hier alert op zijn", stelt Mourik in de Volkskrant. "Het lijkt me onwenselijk dat op kamers gaan iets voor de elite wordt."

Trend

Slechts een kwart van de Nederlandse studenten die vorige jaar aan een bachelorstudie begon, ging op kamers wonen. Toen de basisbeurs nog bestond, was dat 38 procent.

Het is nu, twee jaar na de afschaffing van de basisbeurs, duidelijk dat die trend zich voortzet onder tweedejaars studenten. Onder de studiebeurs woonde de helft van alle tweedejaars studenten op kamers. Nu is dat nog slechts 37 procent.

Sociale vorming

Ook de Landelijke Studentenvakbond (LSVB) maakt zich zorgen. "Dit is een van de schadelijke gevolgen van de invoering van het leenstelsel", aldus voorzitter Tariq Sewbaransingh in de Volkskrant. "Het is goed voor de sociale vorming en de academische vorming om het huis uit te gaan. Nu kiezen studenten er niet voor vanwege de financiën."

Volgens de LSVB gaat het vermoedelijk vooral om kinderen van lageropgeleiden.

Spoorstudent

Een ander probleem is dat door het groeiende aantal thuiswoners de treinen de komende jaren nog meer belast zullen worden. "De spoorstudent is helemaal terug", aldus Mourik. "En dat terwijl vervoerders juist graag zouden zien dat er minder studenten tijdens de spits reizen."

Het ministerie van Onderwijs laat weten vooral blij te zijn dat studenten zich in hun studiekeuze niet laten beperken door de reisafstand.