Bondscoach Janne Andersson van Zweden kwam woensdag superlatieven tekort nadat zijn ploeg zich als groepswinnaar wist te plaatsen voor de achtste finales van het WK. De Scandinaviërs wonnen hun laatste duel in groep F met 3-0 van Mexico. 

"Ik ben zó ontzettend trots op wat mijn spelers hier hebben gepresteerd en hoe ze dat hebben gedaan, dat ik er zelfs een beetje ontroerd door ben. We vormen bij dit WK een hecht team", zei een euforische Andersson na de overwinning in Yekaterinburg.

Zweden begon de laatste speelronde nog als nummer drie in de poule, maar toonde zich in de laatste wedstrijd een stuk sterker dan Mexico, dat zijn eerste twee duels nog had gewonnen. Door drie treffers na rust verzekerde de ploeg van Andersson zich, net als de Mexicanen, van een plek bij de laatste zestien.

De laatste keer dat de Scandinaviërs daarin slaagden op een WK was in 2006. Zweden wist zich immers niet te kwalificeren voor de mondiale eindtoernooien van 2010 (Zuid-Afrika) en 2014 (Brazilië).

Gedisciplineerd

Waar Zweden het normaal gesproken vaak moest hebben van individuele kwaliteiten, concludeert Andersson dat zijn ploeg nu veel meer een collectief is.

"Spelers, trainers, begeleiders en officials, allemaal doen we er alles aan om succes te hebben op dit WK. Als je ziet hoe gedisciplineerd en geconcentreerd we hebben gespeeld tegen Mexico, dan kun je alleen maar heel erg blij en tevreden zijn."

Volgens Andersson was de Zweedse manier van spelen tegen Mexico niet heel anders dan tegen Zuid-Korea (1-0 winst) en Duitsland (1-2 verlies). "We gaan altijd van een bepaalde basis uit. We willen counters van de tegenstander voorkomen en veel in balbezit komen om controle te houden. In dat opzicht vind ik dat we groeien in het toernooi. Dat was tegen Mexico duidelijk te zien."

In de achtste finales neemt Zweden het op tegen Zwitserland, dat woensdag door een 2-2 gelijkspel tegen Costa Rica als tweede eindigde in groep E.