Een bezoek aan de Amstel Gold Race bevestigde voor Tom Dumoulin dat hij nog niet klaar is als profwielrenner. Hoe de dertigjarige Limburger tijdens een zelfverkozen pauze het plezier in zijn sport terugvond.

Ineens stond hij daar, met spijkerbroek, leren jack en mondkapje. Maandenlang waren er alleen een paar berichten op sociale media van mensen die dachten dat ze de succesvolste Nederlandse wielrenner van zijn generatie op een fiets hadden gezien. Verder bleef het tijdens zijn verlof stil rondom Dumoulin.

Maar voor de start van de Amstel Gold Race praatte de Giro-winnaar van 2017 voor het oog van de camera's met (oud-)ploeggenoten als Wilco Kelderman en Sam Oomen, die klaarstonden om de grootste Nederlandse klassieker te rijden. Een paar journalisten informeerden voorzichtig hoe het met hem ging, maar lieten hem verder met rust.

Dumoulin had pas een paar dagen eerder besloten om als eregast van koersdirecteur Leo van Vliet bij de Gold Race te zijn, de wedstrijd waar hij vroeger als klein jongetje naar de profs ging kijken. En nu kwam datzelfde gevoel weer terug.

"Er hangt een speciaal sfeertje rond het wielrennen, waar ik toch van ben gaan houden", zegt Dumoulin. "En zelfs met alle coronaregels en zonder publiek was die sfeer er bij de Gold Race. Ik vond het ook heel mooi dat mijn vrouw het zo leuk vond. We hebben met z'n tweeën een heel mooie dag gehad, lekker scheurend in de auto met Leo."

Terwijl ploegmaat Wout van Aert de koers won, begon Dumoulin voor het eerst echt te denken aan een rentree in het peloton. "Ik had daarvoor al wat gefietst, maar nog niet serieus. Bij de Gold Race begon het weer een beetje te kriebelen en dacht ik voor het eerst: het profwielrennen is nog steeds een hele gave wereld."

Tom Dumoulin stapt voor de Amstel Gold Race in de auto van koersdirecteur Leo van Vliet.

Tom Dumoulin stapt voor de Amstel Gold Race in de auto van koersdirecteur Leo van Vliet.
Tom Dumoulin stapt voor de Amstel Gold Race in de auto van koersdirecteur Leo van Vliet.
Foto: Getty Images

Tuinieren, wandelen, klussen en veel praten

In de afgelopen jaren had Dumoulin langzaam een hekel aan die wereld gekregen, met als dieptepunt de Tour de France van vorig jaar. "Dat was een van de ongelukkigste periodes uit mijn leven", zegt hij over de koers waarin hij toch nog als zevende eindigde.

De tijdrijder zag in januari geen andere optie meer dan om rigoureus op de pauzeknop te drukken. Een dag nadat hij in een video van zijn ploeg Jumbo-Visma opgewekt zijn programma voor 2021 had bekendgemaakt, verraste hij de wielerwereld door voor onbepaalde tijd te verdwijnen.

In de eerste maand na die boodschap raakte Dumoulin zijn fiets niet aan. "En dat voelde prima, want de liefde was volledig verdwenen. Ik heb in die eerste periode veel gerust, gewandeld met de hond en met familie en vrienden, geklust in het huis, gespit in de tuin en heel veel gepraat. Niet direct met het doel om tot een oplossing te komen, maar gewoon om te praten."

Na een paar weken kreeg Dumoulin weer een beetje zin om op de fiets te stappen. "Maar niet serieus. Als ik 's ochtends dacht: ik wil een rondje doen, dan ging ik gewoon." Geleidelijk kwam hij steeds vaker thuis met een blij gevoel en raakte hij uit de knoop die hij voor zichzelf had gelegd. "De les van deze periode is dat ik de liefde voor het fietsen altijd moet blijven behouden."

Dumoulin terug op fiets: 'Spelen tovert glimlach op mijn gezicht'
215
Dumoulin terug op fiets: 'Spelen tovert glimlach op mijn gezicht'

Spelen als trigger voor rentree

Begin mei, twee weken na de Amstel Gold Race, liet Dumoulin aan zijn ploeg weten dat hij zich weer langzaam wielrenner begon te voelen. "Dat was een verkennend gesprek met Richard Plugge (de algemeen directeur van Jumbo-Visma, red.). Daarin gaf ik al aan dat diep in mijn hart de Olympische Spelen zaten, zonder dat ik er al iets mee wilde doen."

De olympische tijdrit in Tokio, vijf jaar na zijn zilveren medaille in Rio de Janeiro, voelde als een ideaal project voor een terugkeer. Bondscoach Koos Moerenhout liet Dumoulin weten dat hij een plekje voor hem vrijhield, maar er was één probleem.

"Koos zei: 'Ik wil je geen druk opleggen en je moet echt pas een beslissing nemen als je er klaar voor bent, maar het moment dat ik de olympische selectie bekend moet maken, komt wel dichtbij'", zegt Dumoulin met een lach.

"Dat was voor mij een trigger om echt serieus over een rentree na te denken. En vrij snel daarna maakte ik al de keuze dat ik voor de Spelen wil gaan. Als de Spelen pas volgend jaar waren geweest, had ik misschien iets meer tijd genomen voor mijn keuze. Maar dit voelt nu als wat ik het allerliefste wil doen."