Mathieu van der Poel weet nog niet of hij dit jaar bij zijn debuut in de Tour de France de hele ronde zal rijden. De 26-jarige renner wil deze zomer namelijk vooral olympisch kampioen op de mountainbike worden.

"Als blijkt dat ik door het uitrijden van de Tour minder kans heb op succes op de Spelen, dan zal ik overwegen om eerder uit de Tour te stappen", zei Van der Poel maandag op een digitale persconferentie, een dag nadat hij voor de vierde keer wereldkampioen veldrijden was geworden.

Alpecin-Fenix, de ploeg van Van der Poel, heeft dit jaar voor het eerst startrecht in de Ronde van Frankrijk. Voor het Belgische team is het van grote (commerciële) waarde dat de kopman in de Tour-selectie zit, maar tussen het einde van 'La Grande Boucle' (18 juli) en de mountainbikewedstrijd op de Spelen (26 juli) zit maar iets meer dan een week.

"De Tour is niet de beste voorbereiding op Tokio en ik vind de Spelen veel belangrijker dan de Tour", aldus Van der Poel. "Ja, ik heb ook overwogen om de Tour over te slaan, maar voor de sponsoren is het belangrijk dat ik in Frankrijk zal rijden."

"En dat snap ik natuurlijk, zij betalen ook mijn loon. Het is niet slecht om af en toe water bij de wijn te doen. Ik heb al veel privileges en mag met de weg, veldrijden en mountainbiken drie disciplines combineren. Ik zal ook zeker niet met tegenzin in de Tour starten, het is geen straf om die koers te rijden."

Van der Poel klopt Van Aert in strijd om wereldtitel veldrijden
56
Van der Poel klopt Van Aert in strijd om wereldtitel veldrijden

Van der Poel neemt slechts een weekje rust

Van der Poel begint zijn wegseizoen al over drie weken in de Ronde van de Verenigde Arabische Emiraten (21-27 februari). Dat betekent dat hij maar een weekje rust zal hebben na een veldritseizoen waarin hij veertien crossen in 51 dagen reed.

"Maar fysiek voel ik me uitstekend, ik ben totaal niet moe. Ik kijk alweer uit naar mijn eerste koersen op de weg. Vanwege alle coronaregels is er momenteel eigenlijk ook niks anders te doen dan fietsen."

Van der Poel ziet ook los van de coronacrisis geen enkele reden om zijn drukke schema met drie verschillende wielerdisciplines aan te passen. "Het veldritseizoen wordt wel minder belangrijk voor mij, maar zoals ik het dit seizoen heb gedaan, is perfect. Ik wil zo lang mogelijk blijven veldrijden, want ik vind het leuk en het is een goede manier om in de winter in vorm te blijven. Wegrenners trainen in deze periode alleen maar uren en uren."

Daardoor zou ook het recordaantal wereldtitels van Erik De Vlaeminck de komende jaren in zicht kunnen komen voor 'VDP'. De Belg was in de jaren zestig en zeventig zeven keer de beste veldrijder ter wereld.

"Ik denk dat het mogelijk is om acht keer goud te winnen, maar er is nog een lange weg te gaan", aldus de viervoudig wereldkampioen veldrijden. "Ik ben er nu nog niet mee bezig, maar als ik ooit in de buurt van dat record kom, zou het wel een doel kunnen worden. De wereldtitel winnen is sowieso het enige wat me nog pusht in het veldrijden."