Alberto Contador heeft deze week een recordtijd neergezet voor de zogenaamde 'Everest Challenge'. De in 2017 gestopte renner had 7 uur, 27 minuten en 20 seconden nodig om het aantal hoogtemeters (8.848) van de Mount Everest te overwinnen.

De 37-jarige Contador was 2 minuten en 37 seconden sneller dan de Australiër Lachlan Morton, die het 'Everesting-record' vorige maand na twee pogingen op zijn naam schreef.

De eerste poging van de renner van WorldTour-ploeg EF Pro Cycling was ongeldig verklaard, omdat hij volgens Hells 500, de organisatie die de Everest Challenge controleert, 450 hoogtemeters te weinig had afgelegd. Contador reed daarom voor de zekerheid een stukje extra door, tot 8.928 hoogtemeters.

De zevenvoudig winnaar van een grote ronde (twee keer de Tour, twee keer de Giro en drie keer de Vuelta) deed zijn recordpoging op de Navapelegrín, een col even ten noorden van Madrid. Hij reed liefst 78 keer het steilste deel van de klim (0,96 kilometer à 13 procent) en had daardoor maar 139,35 kilometer nodig om de hoogte van de Mount Everest te bereiken.

"Het gekkenwerk van de Everesting is voltooid", schrijft Contador, die door fans was aangespoord om een recordpoging te doen, vrijdag op Instagram. "Bedankt voor alle berichten. Het was een zware uitdaging, maar een leuke ervaring."

Hells 500 heeft inmiddels op Instagram bevestigd dat Contador officieel de nieuwe recordhouder is.

De Instagram-post van Alberto Contador na het breken van het record. (Foto: Instagram/Alberto Contador)