Primoz Roglic heeft zondag de eerste UCI-wedstrijd sinds de coronacrisis gewonnen. De Jumbo-Visma-renner kroonde zich tot Sloveens kampioen op de weg.

De dertigjarige Roglic kwam na bijna 146 kilometer van Cerklje naar Ambroz pod Krvavcem als eerste boven op een lastige klim. Hij liet Tadej Pogacar 10 seconden achter zich en Matej Mohoric 39 tellen. De inmiddels 36-jarige Janez Brajkovic eindigde als vierde.

De wedstrijd werd gekleurd door een ontsnapping van vier renners. Jan Tratnik, Matic Groselj, Ziga Horvat en Nik Cemazar gingen op avontuur en bouwden een voorsprong van ruim drie minuten op het peloton op.

Aan de voet van de slotklim had het kwartet nog een halve minuut voorsprong. Luka Mezgec, die vrijwel de hele dag op kop van het peloton had gereden, hield het op die beklimming meteen voor gezien en keerde om.

Roglic demarreert op slotklim

Op de slotklim sprong Tratnik weg uit de kopgroep en ontstond er achter hem een favorietengroepje van vijf renners. Daaruit demarreerde Roglic, die op jacht ging naar de eenzame koploper.

Pogacar sloot even later weer aan bij Roglic, terwijl Tratnik inmiddels was gepasseerd. Uiteindelijk was de laatste winnaar van de Vuelta a España de sterkste van de twee topfavorieten en werd hij zo voor de eerste keer in zijn carrière Sloveens kampioen op de weg.

Afgelopen vrijdag was Maaike Boogaard in Slovenië de eerste Nederlandse profrenner die een wielerkoers op de weg reed sinds de coronacrisis. De 21-jarige Noord-Hollandse soleerde naar de winst in de GP Plastika Veran, een wedstrijd die niet op de UCI-kalender staat.