De Nederlandse teamsprinters, die woensdag op de openingsdag van de EK in Apeldoorn hun titel willen prolongeren, zijn al twee jaar zeer dominant. Op weg naar Olympisch goud in Tokio zijn ze voorlopig elkaars grootste concurrent, omdat er maar een beperkt aantal tickets beschikbaar zijn.

Harrie Lavreysen kent de rekensom maar al te goed. Met hemzelf, Roy van den Berg, Jeffrey Hoogland, Matthijs Büchli en Nils van 't Hoenderdaal zijn er vijf mannen die de afgelopen jaren wereldkampioen zijn geworden op de teamsprint, terwijl er volgend jaar maar drie naar Tokio mogen.

"Het is bizar, een rotsituatie", zegt de 22-jarige Lavreysen in gesprek met NUsport. "Natuurlijk willen we in eerste instantie allemaal het liefst zelf naar de Spelen, maar we gunnen het elkaar ook. Daarom is het vreselijk dat er twee jongens thuis moeten blijven."

Het is het luxeprobleem van de Sportploeg van het Jaar 2018, die vorig jaar wereld- en Europees kampioen werd en begin dit jaar zijn wereldtitel prolongeerde door in de finale bijna een seconde sneller te zijn dan Frankrijk.

"Er is in ons team zo'n grote interne competitie, dat elke training bijna een wedstrijd is", glimlacht Lavreysen, de regerend wereldkampioen op de individuele sprint. "Als je niet de beste bent bij ons, kom je er in de wedstrijden niet eens aan te pas. Dat houd je wel nederig."

Roy van den Berg, Harrie Lavreysen en Jeffrey Hoogland reden eerder dit jaar de WK-finale op de teamsprint. (Foto: Pro Shots)

Lavreysen lijkt vrij zeker van plek

Lavreysen lijkt nog het meest zeker van zijn plek, omdat hij momenteel de enige Nederlander is die zich in de teamsprint richt op de plek van tweede rijder. Hoogland en Büchli zijn slotrijders, terwijl Van den Berg en Van 't Hoenderdaal als starters fungeren.

Van 't Hoenderdaal raakte voor het WK van dit jaar zijn plek kwijt aan Van den Berg en is nu ook niet geselecteerd voor de EK in Apeldoorn. Voorlopig lijkt de strijd om een olympisch ticket zich toe te spitsen op Hoogland (de Europees kampioen sprint van vorig jaar) en Büchli (de winnaar van olympisch zilver op de keirin in 2016), maar Lavreysen rekent zich nog zeker niet rijk.

"Op dit moment is er niemand die mijn positie aanvalt", aldus de Brabander. "Ik hoop dat dat zo blijft, maar het kan zeker nog veranderen. Ik moet er in ieder geval niet te makkelijk over denken. Twee weken geleden hadden we een testdag en toen wilde ik wel even een zo snel mogelijke tijd neerzetten, zodat de andere jongens niet gaan denken dat ze mijn plek kunnen krijgen."

'Elke training draait al om Spelen'

Het is nog niet zeker hoe de selectieprocedure voor Tokio er volgend jaar uit zal zien. Bondscoach Hugo Haak viel drie jaar geleden vlak voor de Spelen van Rio af voor de teamsprintselectie op een manier die hem totaal niet zinde. Nu de 27-jarige oud renner zelf de lijnen uitzet, wil hij er zeker van zijn dat de procedure transparant is en tot in de kleinste details is uitgewerkt.

"Ik vraag heel vaak aan Hugo of hij al weet wat de kwalificatie-eisen zullen zijn", aldus Lavreysen. "Ik wil precies weten wat ik moet doen om op die Spelen te komen. Want ik merk bij mezelf dat sinds de WK van dit jaar bijna elke training al om Tokio draait."

Haak beseft dat de naderende Spelen ervoor kunnen zorgen dat de interne strijd in zijn team steeds harder wordt. "Daarom nemen we nu ook al voorzorgsmaatregelen", stelt de bondscoach.

"We doen veel samen als groep en ik ben er elke dag mee bezig om de normen en waarden binnen de groep te bewaken en de renners erop aan te spreken als dat nodig is. We zorgen voor een competitieve, maar ook een heel leuke sfeer, zodat de jongens elkaar vérder helpen in plaats van elkaar tégenwerken. Die balans moet er altijd in blijven."

De EK baanwielrennen begint woensdag om 14.30 uur met de kwalificaties voor de teamsprint (vrouwen en mannen). De finales van het onderdeel zijn het sluitstuk van het avondprogramma (19.00 uur tot 21.52 uur).

Harrie Lavreysen en Jeffrey Hoogland rijden bij de EK voor het eerst een groot toernooi op een splinternieuwe fiets, die door een sponsor voor 500.000 euro ontwikkeld is richting de Spelen van Tokio. Het moet de snelste baanfiets zijn die er momenteel bestaat. "Het voelt heel fijn en het lijkt heel hard te gaan, maar ik wil het verschil met de oude fiets toch even voelen tijdens een wedstrijd", zegt Lavreysen.