Tom Dumoulin begint zich langzaam weer wielrenner te voelen. De 28-jarige Limburger herstelt eindelijk goed van een slepende knieblessure, die hem al maanden aan de kant houdt.

"Ik doe fysio-oefeningen, ik zwem best vaak en sinds een paar weken zit ik ook weer op de fiets, al is het nog niet lang en niet intensief", schrijft Dumoulin, die na dit jaar Team Sunweb verruilt voor Jumbo-Visma, zaterdag in een uitgebreide verklaring op zijn Twitter-pagina.

Dumoulin blesseerde zich in mei tijdens de vierde etappe van de Giro d'Italia, waarin hij als een van de favorieten was gestart. Hij reed in juni, om nog in vorm te raken voor de Tour de France, het Critérium du Dauphiné, maar daar bleek hij verre van fit.

Niet veel later meldde Sunweb dat er een "lichte ingreep" had plaatsgevonden waarbij een stukje grind uit zijn linkerknie was verwijderd. Eind juli volgde een nieuwe operatie, bevestigt Dumoulin nu.

"De pees in de knie bleek dermate beschadigd dat volledig herstel zonder een operatie niet mogelijk was. Die operatie verliep goed, maar het probleem met pezen is dat herstel heel lang kan duren. Het vraagt een perfecte balans tussen niet genoeg trainen (ik weet nog niet precies wat dat inhoudt) en te veel trainen (wat ik helaas al vaker heb gedaan). Maar het gaat nu de goede kant op."

Ik heb nog zeker vijf à zes goede jaren in de benen

Dumoulin, die het gekscherend van 'Toms Kniejournaal' sprak toen hij bekendmaakte niet mee te doen aan de Tour, vertelt dat de eerste weken na de operatie zelfs wandelen zwaar was.

"Maar op dit moment begin ik me langzaam weer atleet te voelen. De doktoren weten zeker dat mijn knie me er niet van zal weerhouden mijn oude niveau weer te halen. Het zal alleen tijd kosten."

Dumoulin heeft er zelf vertrouwen in dat hij volgend jaar, als hij onder contract staat bij Jumbo-Visma, zijn oude niveau weer weet te benaderen en dat hij mee kan doen om de eindzeges in de grote rondes.

"Dit jaar was veeleisend, fysiek en mentaal. Maar tegelijkertijd was het bevrijdend en opende het mijn ogen. Door niet competitief te kunnen zijn op het hoogste niveau ben ik nog meer gaan waarderen wat ik had en wat ik de komende jaren wil hebben."

"Ik wil er opnieuw alles aan doen om de beste versie van mezelf op de fiets te kunnen zijn, om opnieuw wedstrijden te winnen en om een volgende grote ronde te winnen. Ik heb nog zeker vijf à zes goede jaren in de benen.”