Mathieu van der Poel rijdt volgend seizoen in ieder geval een aantal klassiekers. De Brabander weet nog niet in welke grote wielerkoersen hij aan de start zal verschijnen.

"Gent-Wevelgem misschien, een paar andere klassiekers. Parijs-Roubaix zou daar weleens tussen kunnen zitten", vertelde Van der Poel maandagavond in het tv-programma Peptalk van Ziggo Sport. "Ik weet het nog niet. Ik ben geen planner."

De Europees kampioen veldrijden reed tot nu toe al wel een aantal kleinere wedstrijden op de weg. Zo won hij onder meer tweemaal de Franse rittenkoers Boucles de la Mayenne. Ook werd hij dit jaar Nederlands kampioen op de weg.

Met zijn tweede plaats achter Matteo Trentin bij het EK op de weg in augustus toonde de 23-jarige Van der Poel aan dat hij zich met de toppers op de weg kan meten. Wout van Aert, de drievoudig wereldkampioen veldrijden uit België, eindigde bij die wedstrijd als derde.

"Veldrijden wordt gezien als een volkssport, maar het niveau is heel hoog", stelde de renner uit Hoogerheide. "Je ziet dat toppers in het veldrijden ook meekunnen in andere disciplines. Wout en ik worden twee en drie in de wegwedstrijd op het EK. Dat zegt genoeg."

Van der Poel wil ooit ook Tour rijden

Van der Poel heeft ook de ambitie in de toekomst aan de Ronde van Frankrijk mee te doen. "Ik zou ooit de Tour wel willen rijden", liet hij weten. "Maar ik wil niet alles snel doen omdat het nu goed gaat. Ik wil het nog een tijdje volhouden."

Afgelopen zondag boekte hij bij de Superprestige in het Belgische Gavere al zijn negende overwinning van het seizoen in het veldrijden. De komende jaren wil hij het veldrijden, mountainbiken en wegwielrennen blijven combineren.

"De afwisseling blijft het leukste", aldus Van der Poel. "Ik zou niet een heel jaar willen veldrijden, mountainbiken of op de weg rijden. Ik vind het leuk om te combineren."

In eerste instantie concentreert hij zich op de Olympische Spelen van 2020 in Tokio. "Mijn voornaamste doel is voorlopig de Olympische Spelen op de mountainbike. Na de Spelen ben ik 25 en zou ik in principe nog tien jaar op de weg kunnen rijden."