Vlaanderen is over drie jaar decor van de wereldkampioenschappen wielrennen. De internationale federatie UCI heeft de WK van 2021 toegekend aan het noordelijke deel van België.

Het is de bedoeling dat de wegwedstrijden starten in Antwerpen en eindigen in Leuven, de tijdritten zijn tussen Knokke en Brugge.

Het wordt de tiende keer dat in België wordt gestreden om de wereldtitels op de weg. De laatste keer was in 2002 in Zolder, waar de Italiaanse sprinter Mario Cipollini de regenboogtrui veroverde.

De WK van 2021 heeft een bijzonder tintje, omdat het dan honderd jaar geleden is dat het mondiale evenement voor het eerst werd gehouden. Dat was in de Deense hoofdstad Kopenhagen.

Belgen trekken ruim 18 miljoen euro uit voor organisatie

De Belgen trekken ruim achttien miljoen euro uit voor de organisatie en rekenen op zo'n dertig miljoen aan inkomsten.

"Vlamingen ademen koers. De liefde voor het wielrennen wordt ons zowat met de paplepel meegegeven. Ik verwacht dan ook dat Vlaanderen massaal op straat zal komen om zijn wielerhelden toe te juichen bij deze honderdste verjaardag van het WK", zegt de Vlaamse sportminister Philippe Muyters.

"Ongetwijfeld steekt dat enthousiasme zelfs opnieuw heel wat jongeren aan om zelf op de koersfiets te stappen en wie weet, uit te groeien tot één van de kampioenen van morgen."

Op dit moment zijn de WK aan de gang in het Oostenrijkse Innsbruck, volgend jaar gaan de renners naar Yorkshire in Groot-Brittannië en het jaar daarop naar de Zwitserse regio's Vaud en Valais.

Stichting WK2020 wilde WK van 2020 naar Noord-Nederland halen

De stichting WK2020 wilde de WK van 2020 naar Noord-Nederland (Groningen en Drenthe) halen, maar na het afhaken van de provincie Groningen als geldschieter viel de financiële bodem onder het project weg.

"We hebben de kans gehad en die aan ons voorbij laten gaan. Het komt niet meer als een verrassing dat het WK ergens anders naartoe gaat, maar ik hou hier wel een kater aan over. Ik zie dit als een enorme gemiste kans. Het ging mij niet zozeer om het evenement op zich, maar om de stip die we aan de horizon hadden gezet, met als doel een beweging op gang te krijgen. Maar door het Groningse 'nee' lukt dat niet", zegt Renate Groenewold, het uithangbord van de organisatie.

Op advies van de UCI mikte Noord-Nederland aanvankelijk op het binnenhalen van de WK van 2023. Begin dit jaar kwam vanuit de internationale federatie echter het verzoek of Groningen en Drenthe al in 2020 de organisatie op zich zouden kunnen nemen, omdat de Italiaanse regio Veneto moeite had om de financiën rond te krijgen.

Uiteindelijk zijn beide kandidaten afgevallen en houdt de UCI de wereldtitelstrijd in de buurt van het eigen hoofdkantoor, in de Alpen vlakbij de grens met Frankrijk.