De renners moeten zaterdag in de veertiende etappe van de Giro d'Italia een van de beruchtste bergen van Europa op: de Monte Zoncolan. Het belooft voor de winstkansen van Tom Dumoulin een cruciale rit te worden.

"De Zoncolan is een van de zwaarste cols die ik ooit gereden heb", vertelt ervaringsdeskundige Maarten Tjallingii aan NUsport. "Een klim die je zo snel mogelijk uit je geheugen wilt wissen."

De in 2016 gestopte renner zat vier jaar geleden in de kopgroep in de twintigste etappe van de Giro, de vorige keer dat de Ronde van Italië de Zoncolan aandeed. De geboren Fries zag dat zijn Australische medevluchter Michael Rogers de rit met finish op de gevreesde berg won.

"Ik heb vol ongeloof gekeken hoe Rogers voor de favorieten uit kon blijven, mijn benen lieten het simpelweg niet toe", aldus Tjallingii, die als niet-klimmer de Zoncolan vergelijkt met de eindexamens. "Het is niet leuk, maar je hebt je voorbereid en je weet dat je moet slagen. Je moet en zal bovenkomen."

De typische Giro-col is dit jaar voor de zesde keer in het parcours van de Ronde van Italië opgenomen. Zaterdag wordt de Zoncolan, net als in onder meer 2014, vanuit Ovaro op gereden - de zware kant. De veertiende rit leidt het peloton over 186 kilometer van San Vito al Tagliamento naar de top van de Zoncolan.

Voordat de renners aankomen bij de voet van de helse slotklim, die 10,1 kilometer lang is en een gemiddeld stijgingspercentage van 11,9 kent, moeten zij vier andere bergen bedwingen die ook steile stroken bevatten.

Steil

De Zoncolan begint relatief eenvoudig, maar vanaf kilometer twee nemen de stijgingspercentages rap toe. Gedurende vier kilometer gaat de weg met gemiddeld 15,4 procent omhoog, met uitschieters tot 22 procent. "Dat stuk is de kern van de klim, daarna voel je dat het minder steil wordt", aldus Tjallingii .

Na het zwaarste stuk blijft de Zoncolan nog een aantal kilometers gevoelig omhoog lopen, voordat het kort iets afvlakt. In de laatste kilometer moeten weer relatief veel hoogtemeters overbrugd worden.

"Er is geen moment om uit te rusten", analyseert Tjallingii. "Maar dat zou ook niet moeten; het is de slotklim, dus de renners moeten voluit gaan. Uitrusten kan na de finish."

Tijdrit

Dumoulin begint de cruciale etappe naar de Zoncolan met een achterstand van 47 seconden op rozetruidrager Simon Yates. De klassementsleider lijkt in het voordeel op de steile slotklim, omdat hij zo'n 10 kilo lichter is dan de titelverdediger.

Volgens Tjallingii zou Dumoulin "het spelletje" daarom niet alleen fysiek moeten spelen. "Het zou mooi zijn als Dumoulin zijn tegenstanders kan verrassen op de Zoncolan - fysiek dan wel mentaal. Yates zal met het oog op de tijdrit continu met het tijdsverschil bezig zijn, daar moet Dumoulin mee spelen."

Yates heeft de afgelopen dagen meermaals gezegd dat hij meer tijd moet pakken op de Limburger, omdat de Brit dinsdag in de 34,2 kilometer lange rit tegen de klok verwacht twee minuten te moeten prijsgeven.

"Als Dumoulin demarreert, misschien zelfs al aan de voet van de klim, worden zijn concurrenten zenuwachtig. Dumoulin kan de rest angst aanjagen en daarmee een mentale tik uitdelen", stelt Tjallingii.

Winnaars op de Monte Zoncolan

  • 2003 - Gilberto Simoni (Ita)
  • 2007 - Gilberto Simoni (Ita)
  • 2010 - Ivan Basso (Ita)
  • 2011 - Igor Antón (Spa)
  • 2014 - Michael Rogers (Aus)

Deleteknop

Vooralsnog heeft Dumoulin bergop zijn verlies kunnen beperken in deze Giro. De vraag is of Yates, of een andere klassementsrenner, op de flanken van de Zoncolan wel het verschil kan maken. Eén ding is zeker: zaterdag wacht een loodzware etappe.

"Ik probeerde in 2014 na het behalen van de top zo snel mogelijk de deleteknop in mijn hoofd te vinden. Het is een helletocht als je niet lekker in je vel zit. Het is een kwestie van de juiste fan uit het publiek kiezen om je omhoog te duwen", grapt Tjallingii.

De veertiende etappe van de Giro begint zaterdag om 11.55 uur en de finish wordt rond 17.15 uur verwacht.