Een topklassering zat er niet in, maar bondscoach Johan Lammerts kon na de wegwedstrijd van de mannen bij de WK wielrennen in het Amerikaanse Richmond zondagavond alleen maar tevreden zijn over zijn ploeg.

"Ik denk dat het team uitstekend gereden heeft", zei Lammerts in gesprek met Omroep Brabant. "Het is jammer dat het niet heeft geresulteerd in een medaille, maar alle complimenten voor het team."

De negenkoppige selectie van Nederland was vaak in beeld bij de koers van 259 kilometer in Amerika. Jos van Emden reed in de beginfase voortdurend op kop, Robert Gesink en Bauke Mollema probeerden daarna meerdere malen weg te rijden en Tom Dumoulin en Niki Terpstra lieten zich in de finale zien.

Dumoulin reed in de laatste kilometer buiten het zicht van de camera's nog bijna naar een medaille, maar de Limburger was uiteindelijk op de elfde plaats de beste Nederlander. Kopman Terpstra eindigde als dertiende.

"Het is ongelooflijk wat Jos van Emden gedaan heeft, hij heeft in het begin 130 kilometer op kop gereden", aldus Lammerts. "Maar ook de rest van het team functioneerde prima."

"We wilden dat de wedstrijd na 150, 160 kilometer echt opengebroken werd. Dat was de enige kans voor ons om een goed resultaat te halen. Ik moet alles nog een keer terugkijken, maar ik denk dat we ook in de finale tactisch prima hebben gereden. Met iets meer geluk hadden we misschien wel een medaille gehaald, maar ik kan mijn team niks verwijten."

Boom

Ook Lars Boom, die voor de wedstrijd samen met Terpstra was aangewezen als kopman door Lammerts, prees de Nederlandse ploeg.

"Het resultaat was er niet helemaal voor mij en de ploeg, maar ik denk dat we trots mogen zijn op hoe we gekoerst hebben. We hebben een heel mooie koers neergezet, ik heb genoten van het WK."

Boom was er zelf in de finale niet meer bij en eindigde als 81e op 3 minuten en 35 seconden van winnaar Peter Sagan. "Bij de bel voor de laatste ronde was het wel op bij mij."