Dylan van Baarle denkt de Nederlandse equipe zondag bij de wegwedstrijd van de WK wielrennen meer kans van slagen heeft dan vorig jaar.

"We zijn iets langer bij elkaar en dat maakt de groep wat hechter", aldus de renner van Cannondale-Garmin tegen NU.nl.

In het Spaanse Ponferrada waren de renners zelfkritisch nadat de achttiende plaats van Bauke Mollema het beste resultaat was.

"Toen kwam een aantal renners er later bij. Nu hebben we tijd om steeds samen te trainen en te eten. De sfeer is daardoor gewoon anders."

"Het scheelt ook dat we nu met Niki Terpstra een meer uitgesproken kopman hebben die het kan afmaken, vorig jaar hadden we meerdere kandidaten. Dit past wat beter in elkaar."

Mollema en Robert Gesink hebben een dienende rol geaccepteerd in het Amerikaanse Richmond. "Voor zover ik het kan beoordelen, hebben die mannen zich aangepast aan het team. Zo hoort het ook. Opdrachten uitvoeren, of je nu kopman of knecht bent."

Klassieker

Van Baarle is ervan overtuigd dat Nederland de juiste keuze heeft gemaakt door vooral met 'klassieke' renners aan de start te verschijnen. Andere landen hebben voor sprinters of klimmers gekozen voor het rondje dat drie beklimmingen kent, waarvan twee over kasseien.

"Over het algemeen denk ik dat het meer op een klassieker gaat lijken. We hebben echt een ploeg voor dit parcours en moeten ervoor zorgen dat de koers hard wordt gemaakt. Dat geldt ook voor mij, eerst zo lang mogelijk bij onze mannen blijven en dan kijken wat ik kan doen in de aanval."

De laatste wereldtitel van Nederland dateert van dertig jaar geleden toen Joop Zoetemelk de beste was in Italië. "Natuurlijk willen we allemaal wereldkampioen worden, maar het is niet zo dat we denken van: het moet dit jaar weer gebeuren. Dat zou qua druk ook niet goed zijn. We gaan er gewoon volle bak voor."