Ruim een jaar had de onafhankelijke hervormingscommissie CIRC nodig om de dopingcultuur in het wielrennen te analyseren. Dit zijn de belangrijkste conclusies in het 227 pagina's tellende rapport.

Geen nieuwe dopingbekentenissen

Het rapport van de CIRC is minder explosief dan het USADA-rapport - dat leidde tot de val van Lance Armstrong - in die zin dat er geen renners dopinggebruik hebben opgebiecht. Dat was ook niet het streven van de commissie. Veel van de voormalige coureurs die werden geïnterviewd zijn al bestraft, zoals Armstrong zelf, Michael Rasmussen en Riccardo Ricco. De CIRC had ook niet de middelen om (oud-)renners te dwingen om een boekje open te doen. Verschillende personen, waaronder ook voormalig UCI-medewerkers, weigerden simpelweg mee te werken. Toch is het niet uitgesloten dat er nog procedures tegen (ex-)renners volgen naar aanleiding van vertrouwelijke informatie die de UCI in handen krijgt.

Doping was inderdaad wijdverbreid in de jaren negentig

Veel conclusies uit het rapport zijn ontnuchterend, maar ook een bevestiging van eerder onderzoek. In de jaren negentig waren prestatiebevorderende middelen en wielrennen onlosmakelijk met elkaar verbonden. Volgens de CIRC hebben tussen 1989 en 2014 liefst 69 dokters renners geholpen met dopinggebruik. Niet alleen epo was populair, er werd ook vrolijk op los geëxperimenteerd in het peloton. Eén renner vertelde dat hij twaalf verschillende middelen probeerde, waaronder een product dat was bedoeld voor paarden.

Verbruggen en McQuaid maakten fouten

Voormalig UCI-voorzitters Hein Verbruggen en Pat McQuaid komen er slecht uit in het rapport, hoewel de CIRC het niet bewezen acht dat het duo corrupte handelingen pleegde. Beide bestuurders schurkten te dicht tegen Armstrong aan; de UCI ontving zelfs giften van de Amerikaan. Volgens de commissie kreeg Armstrong een voorkeursbehandeling van de UCI omdat het wielrennen behoefte had aan een nieuw boegbeeld na de 'doping-Tour' van 1998.

Dubieuze praktijken bij de UCI

Huidig UCI-voorzitter Brian Cookson vindt dat Verbruggen zijn rol als erevoorzitter moet neerleggen. De Brit noemt geen reden, maar hij zou zomaar kunnen doelen op de manier waarop de UCI het onderzoek naar epogebruik van Lance Armstrong afhandelde. Volgens de CIRC is het als onafhankelijk bedoelde Vrijman-rapport voor een deel geschreven door advocaten van Armstrong.

Renners gebruiken nog steeds doping

Een betrouwbaar percentage wordt niet genoemd in het CIRC-rapport, vooral omdat er relatief weinig hedendaagse renners zijn geïnterviewd. Epo zou nog niet zijn verdwenen uit het peloton, waarbij 'microdoses' het toverwoord is voor de renners. Veel coureurs proberen ook middelen uit die niet op de dopinglijst staan, waaronder Viagra. Wat het moeilijk maakt om doping uit te bannen is dat veel renners nog steeds betrekkelijk individueel opereren. Sommige coureurs vertelden dat ze niet eens al hun teamgenoten zouden herkennen. Het is moeilijk tot een schone cultuur te komen als de renners weinig in teamverband actief zijn.

Armstrong blijft levenslang geschorst

De personificatie van het dopingtijdperk blijft Armstrong, die ook de zwaarste straf kreeg. Door mee te werken met de CIRC hoopte de Texaan dat zijn levenslange schorsing zou worden teruggebracht. Een dergelijk voorstel aan het Amerikaanse antidopingbureau USADA doet de commissie echter niet. Veel van Armstrongs oud-collega's kregen slechts zes maanden schorsing. "Dit kan worden gerechtvaardigd door het feit dat enkelen ervoor kozen de omerta te doorbreken", staat in het rapport. "De dopingpraktijken van Armstrong verschilden echter niet veel van die van vele anderen in het peloton."

Rapport als aanzet tot verandering

Het CIRC-rapport bevat verschillende aanbevelingen die mogelijk door de UCI worden omarmd. Daardoor kan het onderzoek een keerpunt worden in de strijd tegen doping. Zo zou de UCI een meldpunt in het leven moeten roepen voor klokkenluiders en moeten renners voortaan ook 's nachts worden getest. De CIRC ziet de overvolle wedstrijdkalender en waarde van World Tour-punten niet als een excuus voor dopinggebruik.

Column Thijs Zonneveld: Op rapport