Erik Zabel heeft toegegeven tussen 1996 en 2003 verboden middelen te hebben gebruikt. 

De Duitser nam onder meer epo en cortisonen en onderging ook bloedtransfusies, zo zegt de oud-wielrenner tegen de Süddeutsche Zeitung.

Zabel verklaart dat hij in 1996 besloot met doping te beginnen. Eerder, in de herfst van zijn carrière, bekende de voormalig topsprinter dat hij in dat jaar een keer epo had geprobeerd maar dat hij het middel niet verdroeg.

Uit een vorige week verschenen onderzoek van een Franse senaatscommissie bleek echter dat Zabel, net als onder anderen Jeroen Blijlevens, in de Tour van 1998 aan de epo was geweest.

Toen de onderzoeksmethodes van de dopingjagers beter werden, schakelde hij over op bloedtransfusies. Zabel won in zijn loopbaan onder meer zes keer de groene trui in de Ronde van Frankrijk.

Dat hij eerder slechts met een halfslachtige bekentenis was gekomen schreef hij toe aan de manier waarop hij destijd van zijn leven genoot. ''Boven alles wilde ik doorgaan met mijn droomleven als wielerprof. Ik hield zo van de sport, het reizen. Dat egoïsme was gewoon sterker.''

Ullrich

Op de vraag of de Tourzege van zijn landgenoot Jan Ullrich in 1997 helemaal zuiver is, zei Zabel: ''We moeten niemand meer voor de gek houden. Er blijkt inmiddels uit genoeg rapporten hoe het er toen aan toe ging. Maar ik kan eigenlijk alleen voor mezelf spreken."