Robert Gesink verloor dinsdag in de tiende etappe van de Giro een minuut en zestien seconden op ritwinnaar Rigoberto Uran en zakte daardoor van de derde naar de vijfde plaats in het algemeen klassement.

"Wat een dag", aldus Gesink op Twitter over de zware etappe naar de top van de Altopiano del Montasio.

"Ik heb iets meer tijd verloren dan gehoopt, maar Brescia is nog ver", aldus de Nederlander.

De achterstand van de kopman van Blanco op klassementsleider Nibali bedraagt twee minuten en twaalf seconden.

"Vandaag was het de schade beperkt houden'', stelt Gesink op de website van zijn Blanco-ploeg. ''We blijven het van dag tot dag bekijken, maar onze doelstelling blijft gelijk.''

Blanco-ploegleider Jan Boven was niet ontevreden over de teamprestatie. "We hebben gevochten voor wat we waard waren. Dat zullen we blijven doen tot het einde."

Tjallingii

Boven was vooral te spreken over Maarten Tjallingii en Stef Clement.

"Tjallingii zat in de kopgroep, maar bleef wachten op Gesink in de afdaling van de eerste klim. Clement verrichte goed werk in de aanloop naar de laatste klim om Steven Kruijswijk en Wilco Kelderman terug in de voorste groep te krijgen."

Kruijswijk en Kelderman kwamen uiteindelijk als 21e en 31e over de streep. Kelderman moest zijn witte trui afstaan aan de Pool Rafal Majka van Saxo-Tinkoff.

"Dat is voor hem nu even een bittere pil om te slikken, maar Wilco speelt een belangrijke ondersteunende rol voor Gesink en dat zal hij blijven doen in deze Giro."