Jetse Bol sprak in Oudenaarde van een 'mooie dag'. De debutant van Blanco reed in de Ronde van Vlaanderen lang in de aanval.

Door Nando Boers

Vooraf was Jetse Bol opgetogen. Hij was uitverkoren mee te doen in het team van Blanco in de twee zware voorjaarsklassiekers: de Ronde van Vlaanderen en Parijs- Roubaix, die volgende week op het programma staat. Bol sprak van 'een droom'.

De 23-jarige renner uit Noord-Holland, gestoken in trainingspak, nam zondagmiddag na de koers een slok koffie en zei: "Ik was de langzaamste op de Paterberg. Ik begon vooraan en kwam als laatste boven. Ik heb twee minuten met mijn voet aan de grond gestaan."

Bol, die na de tweede beklimming van de Oude Kwaremont na ruim 235 kilometer wedstrijd afstapte, vond het een 'mooie dag'.

Neerleggen

Hij sprong in het begin van de wedstrijd achter een renner van Garmin aan, reed lang aan de leiding met vijf andere renners en hij kon later - in tegenstelling tot een paar van zijn medevluchters - wel mee met een van achter opkomende groep met onder andere zijn ploeggenoot Maarten Tjallingii.

"Je moet je er niet te snel bij neerleggen", zei Bol, "als er anderen achteropkomen."

Bol: "Dit was de eerste keer Ronde van Vlaanderen. Een hele mooie ervaring. Ik ken de klimmetjes wel maar de route niet. Toen ik afstapte was ik vier kilometer van de aankomst (met nog ronde te gaan -red.). Uiteindelijk heb ik 235 kilometer op de teller gezet. Dat is dan wel weer goed voor zondag."