NIEUWERSLUIS - Steile oevers langs een snelstromende rivier verhinderen de seksuele voortplanting van waterplanten. Het is dus zinvol dat waterschappen tegenwoordig zoveel mogelijk proberen de natuurlijke rivierbedding te herstellen.

Dat stelt bioloog Bart Pollux van het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW). Pollux promoveert volgende week aan de Radboud Universiteit in Nijmegen op een onderzoek naar de voortplanting van waterplanten in de Limburgs-Duitse riviertjes Roer, Swalm en Niers. De bioloog heeft voor het eerst bewezen dat waterplanten verdwijnen als een rivier te sterk gekanaliseerd wordt.

Kleine egelskop

Pollux ontdekte dat de zogenoemde kleine egelskop zich in de snelstromende, rechtgetrokken Swalm alleen nog aseksueel voortplant. Dat betekent dat de plant geen zaden meer vormt. In de nabijgelegen, meanderende en ondiepere Roer ontdekte Pollux een veel grotere genetische diversiteit van de egelskop, die ook gewoon bloeistengels vormt. Daarmee is bewezen dat stroomsnelheid van invloed is op de voortplanting van de waterplant.

De bioloog denkt overigens dat waterstroming en oevers niet alleen verantwoordelijk zijn voor het in stand houden van plantensoorten. Daarvoor zijn volgens Pollux ook dieren nodig, die zaden via hun ontlasting over grotere afstanden en ook stroomopwaarts verspreiden. Als een plant geen zaden meer vormt, zoals de egelskop in de Swalm, zal de soort uiteindelijk niet kunnen overleven, stelt de onderzoeker.